Minister bekijkt of leenstelsel wel goed werkt

Print
Minister bekijkt of leenstelsel wel goed werkt

Minister Ingrid van Engelshoven van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Afbeelding: ANP

Minister Ingrid van Engelshoven van Onderwijs gaat het leenstelsel doorlichten. Als daaruit blijkt dat de studieleningen voor sommige studenten een belemmering zijn, wil ze het leenstelsel aanpassen.

Dat stelt de D66-bewindsvrouw in reactie op het nieuws dat de PvdA het leenstelsel de rug toekeert. Daarmee is er een ruime Kamermeerderheid die pleit voor de terugkeer van een basisbeurs. De PvdA heeft zich, net als GroenLinks, aangesloten bij Coalitie-Y, een initiatief van de ChristenUnie waarin met jongeren geprobeerd wordt oplossingen te zoeken voor problemen waar generatie-Y tegenaan loopt.

Evaluatie

Van Engelshoven noemt het ‘goed dat Coalitie-Y een aantal belangrijke thema’s aansnijdt’. Ze geeft binnenkort opdracht voor de evaluatie van het leenstelsel. De Tweede Kamer had ook gevraagd om zo’n evaluatie vier jaar na de invoering.

,,Ik wil met deze beleidsdoorlichting een feitelijke, onafhankelijke onderbouwing bieden aan het debat over het aanpassen van het studiefinancieringsstelsel door gedegen te kijken naar de effecten van het nieuwe stelsel”, zegt Van Engelshoven. Voor de zomer van 2020 stuurt ze de evaluatie en de kabinetsreactie naar de Tweede Kamer.

Aanpassing

De VVD, met D66 de enige partij die het leenstelsel nog steunt, wil deze kabinetsperiode niet praten over een aanpassing van de studiefinanciering. ,,Het regeerakkoord is het regeerakkoord”, zegt een woordvoerder. ,,Als je ons vraagt of we dat willen openbreken, is het antwoord nee.”

Wat is de basisbeurs ook al weer?

De basisbeurs kwam er in 1986. Voor die tijd kregen ouders van studerende kinderen een hogere kinderbijslag, waardoor studenten dus afhankelijk waren van hun ouders. De basisbeurs betekende een onafhankelijke studiefinanciering.

In 1993 werden de teugels aangetrokken. Met de tempobeurs werd de basisbeurs een voorwaardelijke gift en de student moest elk jaar voldoende studiepunten halen, anders moest er worden terugbetaald. Drie jaar later kwam de prestatiebeurs: als iemand binnen tien jaar een diploma haalde, werd de beurs omgezet in een gift. Zo niet, dan werd het een terug te betalen lening.

Met ingang van het collegejaar 2015/2016 werd de basisbeurs afgeschaft voor nieuwe studenten. In de Tweede Kamer hadden onder meer VVD, D66, GroenLinks en PvdA voor gestemd. Er kwam een sociaal leenstelsel voor in de plaats. Daarbij is de beurs altijd een lening, die tegen niet-marktconforme voorwaarden en rentetarieven moet worden terugbetaald. Toenmalig minister Jet Bussemaker begreep de onmiddellijke protesten en beloofde dat er meer geld zou komen voor beter onderwijs. Later ontstond er flinke ophef over of dat geld wel echt op de goede plek terechtkwam.

De invoering van het leenstelsel ging gepaard met veel bezwaren uit het veld. De flink oplopende schulden zouden de (woon- en financiële) situatie van studenten nu en in de toekomst er niet makkelijker op maken. Die kritische geluiden zijn in de loop der jaren alleen maar toegenomen.