Hansje werd even voor een Joods jongetje aangezien

Print
Hansje werd even voor een Joods jongetje aangezien

Na de oorlog waren Hans en zijn zusje Ria (allebei links) bruidsjonker en bruidsmeisje bij het huwelijk van Lies Simons en haar verloofde Gir.

Velden -

Toen Maastricht 75 jaar geleden werd bevrijd van de Duitse overheersing, lag Velden nog in bezet gebied. De nu 78-jarige Hans, die gevraagd heeft zijn achternaam niet te vermelden, verbleef destijds bij gastgezin Simons in het Veldense buurtschap de Voort.

De reden was dat zijn moeder was opgenomen in een rusthuis. Het was voor zijn vader ondoenlijk om alleen voor zijn Maastrichtse gezin te zorgen. Alle tien kinderen werden ondergebracht bij gastgezinnen in Velden. Na de bevrijding van de provinciehoofdstad probeerde hij de driejarige Hansje in Velden op te halen. Roermond was frontstad. Er was geen doorkomen aan. Hansje moest noodgedwongen in Velden blijven. De herinneringen uit die periode staan in zijn geheugen gegrift. Hij evacueerde zelfs in januari 1945 met mee naar het Drentse Norg. Zijn relaas over zijn periode in Velden en Drenthe is ontroerend. Hans koestert nog steeds warme gevoelens voor Velden.

„Ik kwam terecht bij de familie Simons in de Voort. Mijn eerste herinnering was dat ik luid huilend op iemands schouders zat en een schim zag weglopen langs het raam. Die schim was wellicht mijn vader. Na enkele weken wilde hij me komen ophalen. De andere kinderen alweer een tijdje thuis in Maastricht, maar omdat ik nog niet leerplichtig was, vroeg moeder Simons of ik niet wat langer mocht blijven. Maar Pap kwam niet verder dan Roermond. De Duitsers lieten hem niet door en moest hij zonder mij terug naar Maastricht.”

Op de boerderij van Simons waren Duitse soldaten ingekwartierd. Zij waren dol op de kleine Hans. „Ze speelden tikkertje met mij en gooiden me in het hooi. “

Intussen beschoten de Engelsen vanaf de Grubbenvorster Maasoever het Duitse achterland en werd het te gevaarlijk om nog in de Voort te blijven en verkaste een groot gedeelte van het gezin in december 1944 naar Schandelo. Schandelo raakte in die dagen overbevolkt, want nagenoeg de gehele Veldense bevolking was er inmiddels naar toe geëvacueerd. Ook mensen uit Venlo vonden er onderdak.

In de vrieskoude nacht van 14 op 15 januari 1945 begon voor velen de traumatische evacuatie naar Drenthe, Friesland en Groningen. Een barre voettocht door de sneeuw bracht de evacuees naar het station in Straelen. Even zag een Duitse militair blonde Hansje met blauwe ogen, die zich niet kon identificeren, aan voor een Joods jongetje, maar vader Simons redde hem na een heftige verbale strijd. „We werden in veewagons geladen en in drie dagen via Duitsland naar Groningen gebracht, maar dat wisten we toen nog niet. Bij Winterswijk kwamen we gelukkig weer Nederland binnen. Uiteindelijk kwamen we terecht bij een familie in Norg. Mijn echte ouders wisten niet waar ik zat. Een kort en bondig telegram van de ordedienst bracht hen op de hoogte.”

Van de evacuatietijd weet Hans zich nog maar flarden voor de geest te halen. Vanaf maart beginnen de Veldenaren aan hun thuisreis. „We zaten op een open vrachtauto. Ik hield me vanwege de kou schuil onder de lange rok van moeder Simons. Met ‘onze’ boerderij was gelukkig niets gebeurd, alleen binnen was het een puinzooi. Een grote domper was dat ik mijn echte Maastrichtse ouders daarna niet meer herkende.”

Hansje bleef tot aan zijn leerplichtleeftijd bij de familie Simons. Daarna bracht hij nog vele vakanties door in Velden en maakte daar kennis met het eenvoudige plattelandsleven. Nog steeds bezoekt hij er vrienden en kennissen.