Sport verbroedert, oorlog verbindt

Print
Sport verbroedert, oorlog verbindt

Bij de voetbalwedstrijd tussen MVV en Woolwich in september 1945 waren de burgemeesters van beide steden aanwezig. Afbeelding: Regionaal Historisch Centrum Limburg, Fotocollectie GAM 6375

Meerssen / Ulestraten / Moorveld / Bunde / Rothem / Geulle / Valkenburg / Berg / Walem / Houthem / IJzeren / Vilt / Sibbe / Oud-Valkenburg / Schin op Geul / Berg en Terblijt / Geulhem / Terblijt / Vijlen / Lemiers / Vaals / Camerig / Holset / Mamelis -

Bijna vijf jaar lang is het in Limburg oorlog vanaf 1940. Maar wie denkt dat er in die tijd niet wordt gevoetbald heeft het mis. Juist in die periode bood sport afleiding en vertier.

Een voetbalwedstrijd spelen terwijl het oorlog is. Het is nauwelijks voor te stellen, maar toch gebeurde het. De voetballers van Juliana Spekholzerheide waren in 1940 kampioen geworden van eerste klasse zuid in de kampioenscompetitie, weet sporthistoricus Jurryt van de Vooren te vertellen. Hij is bezig met het schrijven van een boek over sport tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het is juni 1940 als de voetballers uit Spekholzerheide door de frontlinie richting Rotterdam trekken. De stad aan de Maas lag in puin vanwege het bombardement, maar toch kon er gevoetbald worden. De oorlog is in volle gang. De Duitsers waren op 10 mei 1940 Nederland binnengevallen, maar Juliana moest voetballen en ging dwars door het front heen. ,,Ze hebben er twee dagen over gedaan en verloren uiteindelijk met 6-1 van Feijenoord op Spangen, want ze waren zo moe van hun reis door het oorlogsgebied”, vertelt Van de Vooren. Later moet Juliana, de J van Roda JC, de naam veranderen in Spekholzerheide, want Juliana als verwijzing naar het Koningshuis mocht niet van de Duitsers.

Het is niet de enige voorbeeld van voetballen in oorlogstijd. Vijf dagen na de invasie van de geallieerden op de stranden van Normandië stonden ook Willem II en Groene Ster uit Heerlerheide tegenover elkaar in het stadion van FC Eindhoven voor de bekerfinale. ,,Voetballen in oorlogstijd was niet vreemd. Het was vrijwel het enige vertier en vermaak dat de mensen nog hadden. Het leven kwam tot stilstand, maar sport verbroederde en ging gewoon door ondanks de omstandigheden”, legt Van de Vooren uit. Dat gold niet alleen voor sport, ook theater en film kreeg in die periode een enorme vlucht. ,,Er was natuurlijk steeds minder, dus de mensen deden er alles aan om maar iets van afleiding te zoeken. In die tijd werden ook veel mensen lid van een voetbalclub.”

Honger

Toch veranderden er wel zeker dingen tijdens de oorlog. ,,Soms waren er kortere speeltijden”, weet Van de Vooren. ,,Zeker na verloop van tijd dat gebeurde dat steeds vaker. Er was natuurlijk veel minder te eten en dus hadden spelers honger.” De publieke belangstelling nam echter niet af. Tijdens de Tweede Wereldoorlog waren stadions vaak goed gevuld en ook de sportvelden stonden vol. ,,De Amsterdamse club De Volewijckers werd in 1944 kampioen van Nederland. Ze speelden in het Olympisch stadion van Amsterdam op Tweede Pinksterdag tegen Heerenveen met Abe Lenstra. Er zaten toen honderden onderduikers in het stadion. Mannen die hun leven riskeerden om naar een voetbalwedstrijd te kijken.”

Logischerwijs was niet alleen maar hosanna op het voetbalveld. Hoe langer dat de oorlog duurde, hoe meer clubs moeite hadden een team op de been te brengen. Veel sportverenigingen werden hard getroffen. ,,Jonge mannen moesten vaak richting het front vanwege de dienstplicht. Zo kregen elftallen veel moeite met het selecteren van spelers. Een hele lichting verdween waardoor spelers steeds jonger werden. Talent brak dus eerder door. Een goed voorbeeld hiervan is Rinus Michels die jong debuteerde bij Ajax, maar in Limburg zijn hiervan ongetwijfeld ook genoeg voorbeelden van.”

Luchtaanval

In Amsterdam werden Joodse clubs hard getroffen, maar ook is bekend dat de Haagse club De Ooievaars van de 250 leden er na de oorlog nog maar vier over had. Ook in Limburg vielen er veel slachtoffers bijvoorbeeld door een bombardement in Valkenburg en in Meijel en Helden verloren voetbalclubs hun leden door landmijnen. ,,In Monfort verloor voetbalclub RKSNA drie leden uit dezelfde familie. ,,Anthonius Aben werd gedood bij een luchtaanval in 1945 samen met zijn tien kinderen, twee zonen waren lid van de voetbalclub, een veertienjarige dochter overleefde de aanval. In totaal waren er 34 mensen in de woning aanwezig.”

Na de oorlog werd in Maastricht de bevrijding gevierd van 13 tot 16 september 1945 met een bevrijdingsfeest. Ook dan wordt er gevoetbald: MVV en de Engelse club Woolwich, een Londense wijk die Maastricht geadopteerd had, speelden tegen elkaar om de bevrijding te vieren.