‘Van de onoverwinnelijke Raymond van Barneveld van toen is weinig over’

© De Limburger

Een potje darts. Vroeger zette ik hiervoor speciaal de tv aan. Niet dat het spelletje an sich me erg boeide, maar de toeters en bellen eromheen des te meer. Fascinerend, die gekke gasten, met hun rare bijnamen. Hun opkomst vol bravoure en geveinsde arrogantie. De foeilelijke glim-shirts met dito opdruk. Denk bijvoorbeeld aan Bobby George (tegenwoordig commentator bij de BBC), die zoveel goud om zijn pols en vingers heeft dat je je afvraagt hoe hij als darter überhaupt zijn arm kreeg opgetild.

Marlous Flier

Een darttoernooi is vooral één groot spektakel waarbij het spelletje bijzaak lijkt. Een beetje pijltjes gooien, hoe moeilijk kan het zijn? Nou, héél moeilijk, zeg ik. Op de redactie hadden we een tijdlang een dartbord hangen waarop we twee keer per dag bij wijze van rsi-pauze een potje speelden. Alleen al dat hoofdrekenen, terugtellen van 501 naar nul. Een drama! En dan het gooien zelf: als ik het aantal keer optel dat ik bull’s eye of triple- twenty gooide, ben ik snel klaar. De pijl in precies het juiste vakje mikken vraagt een enorme focus en een stabiele arm en hand.

Respect dus voor al die gasten die dat in overvolle zalen vol schreeuwende mensen, in de geur van verschaald bier voor elkaar krijgen.

Uit de tijd dat ik darts keek, is Raymond van Barneveld me het meest bijgebleven. Hij kon zo theatraal op zijn knieën vallen met opengespreide armen als hij won. Het oogde nogal overdreven, maar we hebben het wel over de man die het darts in Nederland op de kaart heeft gezet en die mag dat. Van die onoverwinnelijke gast van toen is weinig meer over. Je leest hier zijn verhaal.

Fijn weekend!

L-magazine lees je hier.

Wil je alle Plus-artikelen lezen?

Dagelijks publiceren we meer dan 100 Plus-artikelen op onze site & app. Nieuws, achtergronden, analyses, reportages, interviews en columns. Word nu digitaal abonnee en kies voor een jaar lang korting of maandelijkse flexibiliteit.

Kies digitaal