SCHEEFGEZET

‘De vingers jeuken en het geld brandt in de broekzak’

Print
‘De vingers jeuken en het geld brandt in de broekzak’

Moeilijk uit te leggen... Afbeelding: Getty Images/iStockphoto

Laar / Weert / Altweerterheide / Stramproy / Tungelroy / Swartbroek -

COLUMN - Waar zich precies de scheidslijn bevindt tussen hobby, passie, verslaving en een goedaardige vorm van krankzinnigheid, daarover zijn de meningen verdeeld.

Feit is dat ik me als muziekliefhebber en plaatjesverzamelaar als een kleuter in een snoepwinkel waan, wanneer ik één van de grootste platenbeurzen ter wereld bezoek. De voorpret, de blijde verwachting en het kinderlijk enthousiasme voordat de tocht wordt aangevat? Onbetaalbaar. Het schoolreisjesgevoel, kortom. Allemaal moeilijk uit te leggen aan wie geen affiniteit heeft met muziek op ouderwetse geluidsdragers, voor wie Spotify volstaat en zwarte vingers na het doorspitten van platenbakken, op zoek naar pareltjes die nog in de collectie ontbreken, een onbekend fenomeen zijn. Of de oorzaak van dit fanatisme terug te voeren is op de veronderstelling dat mannen al sinds de oertijd als verzamelaars te boek staan, zal me worst wezen. De vingers jeuken en het geld brandt in de broekzak. Een en ander voltrekt zich volgens een vast patroon. Een paar dagen van tevoren wordt het spaarvarken geslacht, op de dag zelf gaat de interne wekker eerder af dan die op het nachtkastje, waarna met collega-schatgravers per trein koers wordt gezet naar het vinylwalhalla. Bij aankomst is het zaak om zo snel mogelijk te scoren, om de ergste honger te stillen, omdat anders de beruchte ‘vinyljeuk’ de kop opsteekt, een combinatie van onrust en hebberigheid. Een aantal uren en een pijnlijke rug later worden op de terugweg in de trein de vondsten vergeleken. Waarna iemand deze steevast terugkerende opmerking maakt: ‘Maar je hád toch al een plaat?’

Knarf

Reageren? Frank.Heythuysen@delimburger.nl