Over moeilijke woorden en de agglomeratie Venlo

© Ruth Schouwenberg

Assimilatie, contaminatie, agglomeratie, hoe meer moeilijke woorden je gebruikt, hoe dommer je overkomt, getuige meneer Baudet.

Ruth Schouwenberg

Maar geen nood, ik heb het woord agglomeratie voor u opgezocht. Het betekent stedelijk gebied, een aaneenschakeling van steden en dorpen waarvan de inwoners zich gedragen alsof zij in één stad wonen. Bewoners wonen, werken, winkelen, recreëren en verplaatsen zich in de verschillende stadsdelen. Ik zal u vertellen hoe ik me de afgelopen decennia verplaatst heb in de Venlose agglomeratie.

Ik ben geboren en getogen in Tegelen. Als kind ging ik, af en toe, samen met ôs mam, helemaal naar Venlo. Na het winkelen was het mokkagebakje bij Vroom & Dreesmann vaste prik. Vind ik trouwens nog steeds heerlijk, zo’n mokkapunt. Mijn middelbare schooltijd op Collegium Marianum was zo onwijs leuk dat ik er met veel plezier een jaar gedoubleerd heb. Mijn eerste échte baan was bij een assurantiekantoor op de Venlose Parade, daarna werkte ik in Blerick, Horst en Venlo om tenslotte weer terug te keren naar mijn roots.

Recreëren doe ik in alle stadsdelen, maar Steyl, Belfeld en Arcen zijn wel favoriet tijdens zomerse uitstapjes. Heerlijk, de zon op je bol (bij regenweer blijf ik binnen), wandelen of fietsen langs de Maas, hier en daar een terrasje pikken. Niks mooier dan dat. Ik heb nooit de behoefte gehad me elders te vestigen. Hoewel, na mijn eindexamen wou ik graag als au pair naar Frankrijk, maar toen ik net daarvoor de liefde van mijn leven tegenkwam, ben ik niet verder gekomen dan het wisselen van postcode 5932 naar 5931. Shit happens…

Als ik zie waar de jongeren van nu overal naar toe reizen. Ze backpacken de hele wereld over, snuiven aan vreemde culturen en aan God weet wat en vinken in een mum van tijd hun hele bucket list af. Geef ze eens ongelijk, de globetrotters, veel verder dan het Tegelse Globetrottoir ben ik niet gekomen. Toch ligt ook hier de wereld aan je voeten. Kastelen, kapelletjes, musea, bossen en heide, noem maar op. Mogelijkheden genoeg om je blik te verruimen.

Familie, vrienden, bijna allemaal wonen ze in de buurt. Werk en winkels op loopafstand en vastelaovend vier ik in de kroeg of in ‘t Witte Hoés, op kruipafstand! Wat wil een mens nog meer? Voordat u nou denkt, wat een duffe huismus die Hute-te-tuut, deze huismus van Minerva spreidt haar vleugels regelmatig op en kent gelukkig het woord vliegschaamte (nog) niet.

Reacties: schouwdings@hetnet.nl