De halte

Op zoek naar De Zeemeermin en Kaal Oor

Print
Op zoek naar De Zeemeermin en Kaal Oor

Afbeelding: De Limburger

Steyl -

COLUMN - We wandelen op deze zondag door Nabben. Arriva zette ons af bij bushalte Heyskampstraat in Steyl. Buurtschap Nabben ligt ten zuidoosten van het kloosterdorp, tegen Belfeld aan. Hoe is Nabben? Laten we het zo zeggen, de hemel kust hier de aarde. Onder ons stroomt de Aalsbeek. Niet als langs een liniaal rechtgetrokken, maar gezellig slingerend. Het is lang geleden dat we zo naar huis liepen. We zijn op zoek naar de Zeemeermin en Kaal Oor.

De Zeemeermin ligt op de noordelijke oever van de Aalsbeek. Het mythische wezen is niet vanuit de kustwateren, de Maas en vervolgens de Aalsbeek opgezwommen en daar aangespoeld. Nee, De Zeemeermin is de naam van de galerie van Theo en Margret Doesborgh. Hun huis dateert van voor 1800 en is eerder een sigarenmakerij en pottenbakkerij geweest. In het midden van de vorige eeuw gaat het kunstenaarsechtpaar Joep en Suzanne Nicolas er wonen. Ze geven het pand die naam. Het beeld De Zeemeermin van Suzanne Nicolas lonkt bezoekers naar binnen.

We worden begroet door Sjeng van de Golde, een jonge, speelse hond. Enthousiast als hij is, moet hij spontaan plassen. We treffen het, exposant Jan Lucker is aanwezig. De tachtigjarige is opgeleid tot industrieel vormgever. Een tijdje was hij in dienst bij het keramisch atelier van Joep Felder. Tot pa en ma Lucker een beroep op zoonlief deden om in het gerenommeerd familierestaurant in Tegelen te komen werken. Kunst werd iets van de avonduren en bleef dat tot zijn pensionering in 1997. Sindsdien is hij dagelijks als restaurator en kunstschilder werkzaam. Het houdt hem jong. Zijn schilderijen doen ons onmiddellijk denken aan de psychedelische vloeistofprojecties uit de jaren zestig. Het zijn uitwaaierende composities. Vlekken, vlakken, vegen, stippen en spetters, groot en klein in alle denkbare kleuren. Elke streek met de kwast komt spontaan voort uit de vorige en leidt tot de volgende, legt de kunstenaar uit.

We nemen afscheid en gaan op zoek naar Kaal Oor. Waar het toponiem vandaan komt, hebben we niet kunnen achterhalen. Staat het op een historische kaart of heeft de straatnamencommissie het uit mondelinge overlevering? Als grapje zal de naam niet bedoeld zijn. Daarvoor is zo’n gremium veel te serieus. Kaal Oor blijkt een deels onverharde weg vol plassen water te zijn. Achter hoge hekken staat een Meet- en Regelstation van de Gasunie. In de toekomst wordt dit misschien wel een industrieel monument. Na de energietransitie, wanneer we van het gas af zijn.