‘Een huwelijksaanzoek moet door een man worden gedaan. Punt.’

Print
‘Een huwelijksaanzoek moet door een man worden gedaan. Punt.’

Afbeelding: De Limburger

In veel man-vrouw-dingen dacht ik redelijk modern te zijn. Toen ik ging trouwen, was er werkelijk geen haar op mijn hoofd die eraan dacht om mijn eigen achternaam in te ruilen voor die van mijn echtgenoot. Sterker nog, ook de kinderen kregen bij hun geboorte die van mij.

Ik weet nog goed dat de ambtenaar die de akte van naamkeuze moest opstellen ons aankeek als een botsauto. De map met daarin de prints van alle aktes van naamkeuze van dat jaar in de hele stad (waar hij zeker tien minuten naar moest zoeken), bleek niet meer dan een zielig stapeltje papier.

Laatst ging het op de redactie over de vraag wie vroeg wie. Qua huwelijksaanzoek. We kwamen erop, omdat het vandaag schrikkeldag is en we daar een L-magazine aan wilden wijden.

Niet alleen de dag die maar eens in de vier jaar voorkomt, maar ook de enige dag dat het traditioneel voor vrouwen is toegestaan om hun vriend ten huwelijk te vragen. Laten we vier stellen portretteren voor wie dat geldt, werd geopperd. Waar de vrouw dus op de knie is gegaan.

Ik spiegelde het idee aan mezelf. Zou ik ooit op het idee zijn gekomen om zelf het initiatief te nemen? Ik dacht het toch even niet. Gevoelsmatig blokkeert er iets bij het idee. Een huwelijksaanzoek moet door een man worden gedaan. Punt.

Hopeloos ouderwets, ik weet het. Maar honderd keer liever geen huwelijk, dan zelf de vraag der vragen stellen. Ik zal ’m nooit over mijn lippen krijgen.

De vrouwen die hier geportretteerd worden waren wel zo stoer, vooruitstrevend en assertief. Als hij het niet doet, doe ik het gewoon lekker zelf, was hun motto. En het werkte!

Heb een mooi weekend!

De nieuwe editie van L-magazine kun je hier lezen