De halte

‘Een kattenleven is zo slecht nog niet als je rond kunt struinen in het struweel bij de Bovenste Molenweg’

Print
‘Een kattenleven is zo slecht nog niet als je rond kunt struinen in het struweel bij de Bovenste Molenweg’

Afbeelding: De Limburger

Venlo / Hout-Blerick / Boekend / Steyl / Lomm / Tegelen / Velden / Belfeld / Blerick / Arcen -

COLUMN - We zijn via de Vierpaardjes naar hotel De Bovenste Molen gelopen. Helaas, in deze tijden van corona kunnen we er niet binnen. Het terras met het mooie uitzicht over de vijver is nog niet opgezet, daarvoor is het te koud. Het hotel lijkt uitgestorven. We wandelen verder over een van de mooiste straten van Venlo, de Bovenste Molenweg.

Op de oprit van een van de villa’s zit een fors uit de kluiten gewassen kat. We proberen het dier aan te halen, maar het geeft aanvankelijk geen sjoege. We volharden en zowaar, behoedzaam komt de kat naar ons toe geslopen. Ineens schiet hij weg de struiken in, om een eindje verderop weer tevoorschijn te komen en ons te bespieden. Zijn baasje Martijn Berendsen is naar buiten gekomen en vertelt dat het Jonah is, een Siberische boskater. Niet afkomstig uit het oosten van Rusland, wat je zou denken, maar gekocht bij een fokker in Lomm. Een kattenleven is zo slecht nog niet als je rond kunt struinen in het struweel bij de Bovenste Molenweg.

Het gastvrije thuis van kat Jonah ging in mei 1938 open als hotel Th. Peters. We hoorden het van hotelierdochter Riek Schouren-Peters (1931-2015), die ons tien jaar geleden enthousiast en uitvoerig over deze prachtige, lommerrijke buurt heeft verteld. Haar vader zat tevoren als huurder in hotel De Bovenste Molen. Het was in de tijd dat de Europese jetset er vakantie hield. Peters vertrok na een conflict met de eigenaar over het groot onderhoud van het pand. Hij bouwde tegenover het zwembad De Onderste Molen zijn eigen hotel. De omgeving was een aards paradijs voor kinderen. De jeugd speelde altijd buiten en had in de zomermaanden een heerlijk natuurbad in de onmiddellijke nabijheid. Riek had als vijfjarige van badmeester Leo Michels zwemmen geleerd en was daarin zo bedreven, dat ze door iedereen ‘het zwemmeisje’ werd genoemd.

O ja, in de Onderste Molen werd natuurlijk lang op rooms-katholieke grondslag gezwommen. Tussen het gedeelte voor heren en dat voor dames was een houten schutting. De vrije geest van de jaren zestig zou de scheidingswand wegblazen. Figuurlijk, natuurlijk. Bij het bad hoorde een schitterend gelegen horeca-etablissement. Het Lido was genoemd naar het chique variététheater aan de Champs-Elysées in Parijs. In de Tweede Wereldoorlog werd het door de bezetter gevorderd. Na de bevrijding werd het karakteristieke pand een woonhuis. Het zwembad De Onderste Molen sloot in 1991. Een jaar later werd het grotendeels gesloopt. Tot verdriet van velen.

Mogen we even je aandacht.
Dit is een artikel van De Limburger dat gratis beschikbaar is voor iedereen. Dat geldt niet voor alle artikelen, want zogeheten Plus-artikelen zijn exclusief voor onze abonnees. Zonder abonnees kunnen wij namelijk geen Limburgs nieuws maken. Kies voor goede en betrouwbare regionale journalistiek in Limburg, met liefde en passie gemaakt.

Er is al een abonnement voor 7,50 per maand.

Bekijk abonnementen