Jan de Jong interim-directeur Eredivisie CV

Print
Jan de Jong interim-directeur Eredivisie CV

Afbeelding: ANP

Jan de Jong gaat als interim-directeur aan de slag bij de Eredivisie CV, de belangenorganisatie van de achttien eredivisieclubs.

De voormalige directeur van de NOS en Feyenoord volgt Mattijs Manders op. Manders vertrekt per 1 juni als algemeen directeur bij de Eredivisie CV. Hij treedt in dienst bij eerstedivisieclub NAC Breda als algemeen directeur.

Uitdagingen

De Jong, geboren in 1967, begint officieel op 1 juni met zijn werkzaamheden voor de Eredivisie CV. Zijn benoeming geldt voor een jaar. „Gelet op de situatie in het betaald voetbal is het van groot belang dat er binnen de ECV continuïteit is van beleid en operatie”, zegt John Jaakke, voorzitter van de raad van commissarissen van de ECV. „Wij staan voor grote uitdagingen en clubs en stakeholders moeten op de ECV kunnen rekenen. Met Jan de Jong halen we een ervaren bestuurder in huis die bovendien thuis is in de wereld van de media en het betaald voetbal.”

De Jong werkte 24 jaar lang bij de NOS. Van 2010 tot 2017 fungeerde hij als algemeen directeur van de Nederlandse Omroep Stichting. Daarna maakte De Jong de overstap naar Feyenoord. Hij vertrok na ruim anderhalf jaar bij de Rotterdamse club vanwege een verschil van inzicht met de raad van commissarissen.

Begrip

Jaakke betreurt het vertrek van Manders. „Mattijs kennende heeft hij deze beslissing niet licht genomen en wij hebben begrip voor zijn overwegingen. Mattijs heeft in zijn periode veel voor de ECV betekend. Dat geldt zeker voor de hectische afgelopen maanden waarin hij een verbindende rol heeft gespeeld. Wij wensen Mattijs succes bij NAC Breda.”

Manders, oud-directeur van ADO Den Haag, was amper een jaar in functie bij de ECV. „Ik ga aan de slag bij een heel mooie club. Alhoewel ik een zeer boeiende tijd beleef, neem ik dit besluit. Ik voel mij meer thuis bij de dynamiek van een club met supporters, spelers, sponsoren, bestuurders, gemeente en zo verder. Dat is een boeiend speelveld waarin ik beter op mijn plaats ben en met in deze tijd nog eens extra grote uitdagingen.”