Viroloog Wim van der Poel: ‘Corona via je kat? De kans blijft klein’

Print

Buiten de nertsenstallen is volgens viroloog Wim van der Poel écht geen virus aangetroffen, in elk geval niet in meetbare concentraties. Afbeelding: ANP

Op intussen vier nertsenfokkerijen zijn dieren besmet met corona, waarschijnlijk door medewerkers. In twee gevallen is het virus daarna teruggesprongen van dier op mens. Is dit een nieuwe fase in de epidemie? Wim van der Poel, viroloog aan de Wageningen Universiteit geeft antwoord op prangende vragen.

Enkele weken geleden gingen de experts er nog vanuit dat het vrijwel uit te sluiten was: dieren die mensen met corona besmetten. Zijn er nieuwe inzichten?

„Ja en nee. Bekend was al wel dat bepaalde diersoorten gevoelig(er) zijn voor corona-achtige virussen. Fretten, hamsters en apen bijvoorbeeld. Maar veldinfecties van nertsen, zoals we nu zien in Brabant, dat is wél nieuw. Het is interessant studiemateriaal. In opdracht van het ministerie doen we onderzoek bij deze besmette bedrijven. We kijken hoe het virus zich gedraagt, hoe het circuleert. We hebben luchtmonsters genomen, binnen en buiten.”

Wat was de uitkomst?

„Die nertsenstallen zijn open aan de zijkant, er is veel luchtcirculatie. Je zou inderdaad kunnen vermoeden dat er ook virus naar buiten waait. Toch hebben we in de directe omgeving niets gevonden. Er is boven- én benedenwinds gemeten. Vele honderden monsters. Collega’s hebben speciale filters op hun lijf gedragen, maar buiten de stallen is écht geen virus aangetroffen, in elk geval niet in meetbare concentraties. Daarna ook is besloten de ingestelde veiligheidscirkel van 400 meter rond die bedrijven op te heffen. Het is niet nodig. De twee mensen die door nertsen zijn aangestoken, werkten binnen in de stal en hadden direct contact met de dieren.”

Toch maken mensen zich ongerust, ze herinneren zich de uitbraak van Q-koorts toen bacteriën met de wind kilometers werden meegedragen en duizenden mensen besmetten.

„Dat klopt, maar de Q-koorts is echt een ander verhaal. Dat was een bacterie, dit is een virus. De Q-koortsbacterie overleeft uitermate goed in droge stof, is resistent tegen uitdroging, virussen juist niet. Ook dit virus kan wel in gesloten ruimtes blijven hangen, maar is buiten erg snel dood. Dat het zich buiten over grote afstanden verspreidt en besmettelijk blijft, dat is écht uitgesloten. Bij de Q-koorts speelde besmetting via uitgereden geitenmest een rol. Voor de zekerheid is daar nu bij de nertsen ook naar gekeken. Er zijn monsters genomen, daar is inderdaad de genetische code van het virus in gevonden. Maar om besmettelijk te zijn, moet het virus volledig intact zijn. Om dit te bewijzen hebben we de mestmonsters in ons lab op kweek gezet en kijken we of de virussen zich vermeerderen. Tot nu toe is dat niet het geval en gaan we ervan uit dat de kans op een besmetting vanuit de mest heel erg klein is. Overigens geldt voor de getroffen bedrijven een verbod op het uitrijden van mest.”

Fretten, sterk verwant aan nertsen, worden ook gebruikt als proefdier in onderzoek naar een vaccin voor het coronavirus...

„Bij de ontwikkeling van elk vaccin wordt gekeken welk dier het meest geschikt is als ‘model’. Voor influenza-vaccins is dat inderdaad vaak de fret. Niet om het ingewikkeld te maken, maar het heeft te maken met de receptoren op de cellen van een dier, die bepalen of het wel of niet gevoeliger is voor een infectie. Fretten en andere marterachtigen hebben, net zoals mensen, een eiwit op hun longen waar dit virus zich graag aan hecht. Ze lijken in hun reactie na besmetting, qua ademhalingsklachten en koorts, meer op ons mensen dan andere dieren. Fretten en nertsen zijn nauw verwant. In zoverre is het niet heel verrassend dat het virus nu bij nertsen toeslaat.”

Moeten mensen met een fret als huisdier zich zorgen maken?

„Het is niet uit te sluiten, maar de kans dat een mens ziek wordt van een dier is nog altijd veel kleiner dan dat je wordt besmet door een mens. Dit virus is weliswaar ooit overgesprongen van een dier op de mens, maar heeft zich daarna ontwikkeld als een écht menselijk virus. De besmetting loopt vooral via aerosolen, druppels die vrijkomen als je hoest of niest. Daarin zit het virus. Als je langer dichtbij iemand staat die ziek is, kan het virus overspringen.”

Toch lezen we over besmette katten, honden en zelfs een tijger...

„Ja, maar dat zijn nog kleine aantallen en in de meeste gevallen aanwijsbaar dieren die ziek zijn geworden van mensen. Die tijger in de dierentuin in New York is besmet door de verzorgers. Wat betreft honden, dan praat je wereldwijd over vijf dieren. Eén geval was in Nederland, die hond was al oud en ernstig ziek. Katten lijken wel gevoeliger. Daar gaan we nader onderzoek naar doen: hoe snel en hoe ernstig ziek worden ze? Hoe makkelijk kunnen ze elkaar of hun baasje besmetten? Bij een aantal zwerfkatten rond de nertsenfokkerijen in Brabant hebben we antistoffen tegen corona gevonden. Zij hebben de ziekte doorgemaakt. Tegen mensen daar in de buurt zou ik zeggen houd veiligheidshalve nu uw kat even binnen, maar verder ben ik niet bang voor een nieuwe epidemie onder (huis)dieren.”

In diverse slachterijen zijn medewerkers besmet geraakt met corona. Dat wordt toegeschreven aan de krappe behuizing van de arbeidsmigranten, het vervoer in kleine busjes en dicht op elkaar aan de lopende band staan. Zou het virus ook in opengesneden karkassen kunnen zitten?

„Nee die kans acht ik uitgesloten. De dieren die in Nederland worden geslacht – vooral runderen, varkens en kippen – zijn niet gevoelig voor dit virus. In China is dat onderzocht, ook voor eenden omdat die daar op de markten worden verkocht, en hier is dat nog herhaald. Er zijn momenteel geen infecties bekend bij koeien, schapen, varkens of kippen.”

Kan het virus overleven in bloed?

„Bij dieren die worden geïnfecteerd is korte tijd het virus aantoonbaar in hun bloed. Als je precies op dat moment zou slachten – een dier dus dat wél gevoelig is voor corona – loop je in theorie een risico. Maar alleen als tijdens het slachten besmet bloed in de luchtwegen komt. Bijvoorbeeld dus als je met bebloede handen aan je ogen of je neus komt, of je vingers zou aflikken.”

Hoe zit het met vlees eten?

„Er is geen bewijs dat voedsel, zoals vlees, een bron is om het coronavirus over te dragen. Ook filet americain niet, rauw mager rundvlees. Nogmaals, runderen blijken niet gevoelig voor corona. Daarbij: het virus heeft altijd levende cellen, een mens of een dier, nodig om zich te vermeerderen. Dat kan niet in vlees, dat is dood materiaal.”

En vleermuizen?

„Volgens mij eten we die hier niet, maar consumptie van een dood dier is dan nog altijd een stuk veiliger dan het zelf slachten van een ziek, levend beest. Om misverstand te voorkomen: ook in China is het virus vrijwel zeker niet bij mensen gekomen na het eten van vleermuizen, maar indirecter via een nog onbekende gastheer.”

Mogen we even je aandacht.
Dit is een artikel van De Limburger dat gratis beschikbaar is voor iedereen. Dat geldt niet voor alle artikelen, want zogeheten Plus-artikelen zijn exclusief voor onze abonnees. Zonder abonnees kunnen wij namelijk geen Limburgs nieuws maken. Sluit je daarom ook aan en kies voor goede en betrouwbare regionale journalistiek in Limburg, met liefde en passie gemaakt. Juist in deze onzekere tijden.

Er is al een abonnement voor 7,50 per maand.

Bekijk abonnementen