Oetgesjtreke

‘Het was allemaal lang voor de coronatijd, in een tijd dat normaal nog niet oud of nieuw was’

Print
‘Het was allemaal lang voor de coronatijd, in een tijd dat normaal nog niet oud of nieuw was’

Afbeelding: De Limburger

COLUMN - Kent u dat reclamespotje nog van die verzekeringsmaatschappij, waarbij een deftige dame en haar man in één ferme hap verlost worden van hun kleine chihuahua? Even zwenkt de camera -die vooraf al een vervaarlijke loslopende bouvier in beeld gebracht heeft- naar beneden en zien we een stevige, genoeglijk kauwende bulldog, met het uiteinde van het hondenriempje nog in zijn bek. Na een oeps voor de schrik, horen we de eigenaresse van de smulpaap verontschuldigend de legendarische tekst uitspreken: ‘Dat doet hij anders nooit, hoor’.

Onduidelijk is hoe het na de misdraging met het beest verder is gegaan, maar blijkbaar waren er omstandigheden waardoor het dier dacht het schoothondje te mogen verorberen. Misschien had hij wel opgesloten gezeten of was hij hondsdol. Misschien had hij wel ongemerkt de ergernis van zijn baasje, over het nog steeds niet afschaffen van de hondenbelasting meegekregen of berichten over andere bulldogs die zich uitkuurden op minihondjes in stadsparken en dacht hij ‘dat kan ik ook'. Het was allemaal lang voor de coronatijd, in een tijd dat normaal nog niet oud of nieuw was.

Tegenwoordig betrap ik me er zelf ook op dingen te doen, die ik in het oude normaal niet normaal zou vinden. Zoals (zelfs zonder aanmoediging van Erik Scherder) dagelijks bovenmatig bewegen via fietsen, tuinieren en lunch- en afterdinerwandelen? Of: al vóór het ontbijt en thuiswerk de complete puzzelpagina van De Limburger oplossen, inclusief de voor kinderen bedoelde lijnpuzzels en 6 cijfer sudoku’s? Deze week heb ik, aangemoedigd door de talloze vrolijke poppetjes van mijn Facebookvrienden zelfs een poging gedaan een avatar-poppetje van mezelf samen te stellen. U weet wel zo’n persoonlijk stripfiguurtje dat in de plaats gekomen is van het nog onpersoonlijkere duimpje. Gelukkig zetten vrienden hun naam er bij, anders zou ik er nooit een van hen in hebben herkend. Na lang knutselen leek mijn eigen beeltenis overigens nog steeds meer op een koddige kwibus van Willy Vandersteen dan op mijn pasfoto. Het onderstreept maar weer dat ieder mens uniek is en niet terug te brengen tot een 20-tal voorgetekende cartoons.

Wat ik anders ook nooit doe is bingewatchen. Daar waar ik tot voor kort moeite had een enkele aflevering van een serie van amper een half uur onafgebroken te volgen, zit ik tegenwoordig zonder pauze een vol seizoen per avond af te gluren. Dat doet hij anders nooit. En wat te denken van gepland cafébezoek, mensen begroeten met een elleboog, praten tegen een scherm of plaat plexiglas. Dat blijft toch als niet normaal voelen.