Maak je tuin klimaatproof: tips van een water- en droogtespecialist

Regenwater loopt vanuit een regenpijp via een gootje de borders in. Bas Janssen: „Je kunt dat water maar beter in je tuin vasthouden, of nog beter: benutten.”© DE LIMBURGER PETER SCHOLS

Het klimaat verandert. Dit voorjaar beleefden we zelfs de droogste lente ooit. Hoe wapen je je tuin tegen die steeds extremere omstandigheden? Tien tips van water- en droogtespecialist Bas Janssen van Jonkers Hoveniers in Venlo.

Ron Langenveld

1. Pas je beplanting aan

Een kale bodem droogt rapper uit dan een bodem die bedekt is of in de schaduw ligt. „Dus: hoe dichter de begroeiing hoe beter”, verklaart Bas Janssen (27) van Jonkers Hoveniers over de steeds extremere droogteperiodes waarmee we te maken hebben. Beplant lege plekken dus met nieuwe heesters of ander groen. Liefst soorten die niet al te veel dorst hebben. „Mediterrane planten zijn meestal goed aangepast aan droge en hete omstandigheden. Mediterraan is sowieso de trend tegenwoordig. In het algemeen kun je zeggen dat planten met grijsachtige bladeren zoals ezelsoor, heiligenbloem of lavendel redelijk goed tegen droogte kunnen.”

2. Mulchen

Een andere optie om de bodem te bedekken is mulchen met organisch materiaal. Janssen is geen voorstander houtsnippers. „Daar wordt je bodem veel te zuur van.” De hovenier uit Helden ziet liever dat het eigen snoeimateriaal als beschermende deklaag tegen de droogte wordt gebruikt. In het voorjaar met de heggenschaar of de snoeischaar door de borders om alles klein te snipperen. „Om de resten vervolgens te laten liggen en een beetje in de grond te werken”, adviseert hij. Ook eigen compost uit een compostvat of -bak kan op die manier op de grond aangebracht worden.

3. Levende bodem

Ook ín de bodem is organisch materiaal van groot belang om water vast te houden. „Zeker bij zandgrond zoals we die in Noord-Limburg kennen.” Een emmer water is in Venlo zo verdwenen. „Humus houdt vocht vast en vergroot de poriën tussen de zandkorrels.” Het verrijken van de bodem met compost en ander organisch materiaal helpt zodoende tegen uitdrogen en stimuleert bovendien het bodemleven. Hoewel de Limburgse rivierklei en de Zuid-Limburgse löss regenwater beter vasthouden, biedt extra humus ook hier soelaas. Want eenmaal uitgedroogd, dringt water maar moeilijk door löss en klei heen. Humus zorgt voor een lossere en meer doorlatende bovenlaag.

4. Plant een boom

Naast dat bomen zorgen voor hoogte in je tuin, bieden ze schaduw en verkoeling. „Voor iedere tuin bestaat een boom”, verzekert Janssen. Ook voor kleine tuinen, tuinen met moeilijke buren of miniatuurvoortuinen. „Je moet uiteraard geen eik planten op een perceel van 25 vierkante meter. Kies een boom op basis van zijn formaat als hij volwassen is.” Ook een groene schutting of begroeide muur biedt verkoeling en voorkomt uitdroging. „Een muur die de hele dag in de zon heeft gestaan, geeft ’s avonds nog enorm veel hitte af.” Een begroeide muur of een groene erfafscheiding zorgt juist voor koelte. „Dat is wel wat meer werk ja”, beaamt Janssen over het benodigde snoeiwerk. „Maar het ziet er beter uit en je lokt er meteen vogels en insecten mee je tuin in.”

5. Koester je vijver

Naast extreme hitte en droogte krijgen we ook steeds vaker te maken met hevige hoosbuien. Het merendeel daarvan loopt via regenpijpen en putten rechtstreeks het riool in. Dat is jammer. „Je kunt dat water beter in je tuin vasthouden, of nog beter: benutten.” Door bijvoorbeeld je vijver als regenwaterbuffer te gebruiken. Voer het water van een regenpijp naar de vijver en laat het indien nodig middels een overloop in de omliggende borders lopen. Een andere optie is om regenwater op te vangen in een wadi, een laagte in de tuin waar regenwater zich bij hevige buien kan verzamelen en wegzakken. Allemaal te ingewikkeld? Dan is een regenton misschien wél een optie. „Dan praat je wel maar over 250 tot 400 liter water. Bij een regenbui zit zo’n ton zo vol.”

© PETER SCHOLS

6. Vergroen je dak

Een begroeid groen dak helpt enorm om water vast te houden, isoleert tegen hitte en is bijzonder om te zien. „Als er grind op een plat dak ligt, is de constructie veelal sterk genoeg om ook het gewicht van een groen dak te dragen.” Het is desondanks aan te bevelen om even een deskundige te raadplegen voordat je op je garage met materiaal en beplanting aan de gang gaat. „Maar je kunt bijvoorbeeld ook een afdakje of het dak van je tuinschuurtje voorzien van een groene beplanting”, suggereert Janssen een meer overzichtelijk project.

7. Weg met die bestrating

Hoe meer bestrating, hoe minder regenwater in je tuinbodem zakt. „Daarom wordt in tuinen en parken steeds meer met halfverharding gewerkt.” Een doorlatende kiezelpad in plaats van grote natuurstenen plavuizen of klinkers. Zo zijn er tegenwoordig ook tegels met uitsparingen waar groen doorheen kan groeien en het water weg kan zakken. „En je kunt bestrating in een motief leggen waarbij je werkt met een extra brede voeg.” Nadeel daarvan is wel dat je meer kans loopt op onkruid tussen de tegels. Maar dat is een kwestie van acceptatie wat Janssen betreft. „En met per week een half uurtje onkruid wieden in de tuin, ben je al een heel eind. Gezond om te doen, lekker buiten en je hoeft niet meer naar de sportschool. Wat wil je nog meer?”

8. Tegels eruit, plant erin

Een leuke oplossing voor wie geen voortuin heeft of naast het terras in de achtertuin tóch wat extra groen wil realiseren: haal een rij tegels eruit, zorg voor een flinke laag vruchtbare grond en leg een gevel- of schuttingtuintje aan. Dat werkt veel beter dan planten in potten die je veelvuldig water moet geven. „Ook een druivenrank tegen een gevel is groen”, zegt Janssen over wat je zoal in zo’n minituintje kunt aanplanten. „ Doordat er minder tegels liggen, kan het water beter weg. En met een beetje mazzel pluk je er in de zomer ook nog de vruchten van.”

9. Ook een bruin gazon leeft

Voor veel tuinliefhebbers is het gazon bij droogte een hoofdpijndossier. Maar een verdord bruin gazon is niet dood. „Het gras trekt zich terug. Maar de wortel blijft in leven.” Zo snel als er regen valt, beginnen de sprieten weer te groeien. „Dan is het wel zaak om onkruid meteen uit te steken.” Want dat groeit meestal harder dan het gras en kan de overhand krijgen. Om je grasmat minder uit te putten kun je overwegen om eens een maaibeurt over te slaan of het gras minder kort te knippen. Met een mulchmaaier breng je het versnipperde gras terug op het gazon, waarmee je een natuurlijke kringloop krijgt, wat weer helpt tegen uitdroging van de bodem en het gras.

10. Sproeien met beleid

Vind je het ondanks bovengenoemde maatregelen toch nodig om te sproeien, doe dat dan bij voorkeur in de avond als de ergste hitte voorbij is. Zodat het water niet meteen verdampt, maar de tijd krijgt om in de bodem te trekken. „En sproei liever een keer per week drie uur lang, dan iedere avond een kwartiertje.” Het water kan dan dieper in de bodem trekken. „Planten en grassen zullen dan ook dieper wortelen.” Waardoor ze in tijden van droogte ook uit diepere lagen nog water naar boven kunnen slurpen.

Voor meer informatie: www.waterklaar.nl; www.groendaken.net

Wil je alle Plus-artikelen lezen?

Dagelijks publiceren we meer dan 100 Plus-artikelen op onze site & app. Nieuws, achtergronden, analyses, reportages, interviews en columns. Word nu digitaal abonnee en kies voor een jaar lang korting of maandelijkse flexibiliteit.

Kies digitaal