Het jaagsysteem in de steenkoolmijnen: Alles werd exact gemeten, zelfs de tijd om te piesen, te poepen en te ‘boeteren’

Print
Het jaagsysteem in de steenkoolmijnen: Alles werd exact gemeten, zelfs de tijd om te piesen, te poepen en te ‘boeteren’

Ondergrondse mijnwerker. Afbeelding: Archief Martin van der Weerden/Voorlichtingsdienst van de Staatsmijnen

Kerkrade / Eygelshoven / Ransdaal / Craubeek / Klimmen / Weustenrade / Fromberg / Kunrade / Ubachsberg / Voerendaal / Winthagen / Landgraaf / Schaesberg / Nieuwenhagen / Rimburg / Bocholtz / Simpelveld / Huls / Brunssum / Heerlen / Hoensbroek -

In de rubriek Van Nul tot Nu gaat Martin van der Weerden in op de veelzijdige historie van deze regio. Dit maal gaat het over de werkdruk bij mijnwerkers.

Met afbeeldingen van breed lachende en gezond ogende mijnwerkers werden nieuwe koempels gelokt. Eenmaal onder in de grond verging hen vaak het lachen.

Mollen

Al jaren geleden verbaasde mij het fabrieksmatige tempo van de schoonmakers bij ons op school. Zij vertelden mij dat mensen, die er voor gestudeerd hadden, het aantal minuten nauwkeurig berekenden dat nodig was om een leslokaal schoon te krijgen. Voormalige mijnwerkers vertellen vergelijkbare verhalen, maar dan wel onder andere omstandigheden. Als menselijke mollen mochten zij tijdens de zware arbeid liters vocht uitzweten en (zeker in de begintijd) het gevaarlijke stof diep in hun longen zuigen. Het werktempo lag hoog. De kerkelijke overheid werkte hier aan mee door de ondergrondse mijnwerkers tijdens de 40 dagen vasten voor Pasen vrij te stellen van de regels. De koempel mocht elke dag voluit eten en drinken.

Prestatie

Door het werken in akkoord ontstond het gehate jaagsysteem. Koempels werden uitbetaald naar persoonlijke prestatie. Kreeg jij minder voor elkaar dan ging jij met een lager salaris naar huis of liep jij kans om ontslagen te worden. Vanwege de druk van dit systeem namen mijnwerkers vaak grote risico’s, bijvoorbeeld door minder nauwkeurig te stutten.

Na de oorlog wisten de vakbonden dit individuele akkoord van tafel te krijgen. Men ging over op groepsakkoorden, waarbij een groep van vijf of zes man per maand betaald werd op basis van de collectief geleverde prestatie. Later maakte dit systeem plaats voor het pijlerakkoord. Een grotere groep arbeiders werd als basis genomen voor het salaris. Opzichters van de afdeling akkoordcontrole volgden de werkzaamheden in de pijlers met de stopwatch in de hand. Alles werd exact gemeten, zelfs de tijd om te piesen, te poepen en te boeteren (eetpauze, red.). Lonen konden behoorlijk verschillen, ook al kon je daar zelf weinig aan doen.

Toegang tot alle Plus-artikelen?

Word nu abonnee en lees al onze Plus-artikelen voor slechts 1,04 per week. Ruim 110.000 tevreden lezers gingen je al voor.

Bekijk de actie-abonnementen