OM eist 34 maanden cel tegen bestuurslid moskee Geleen dat wordt verdacht van financieren terrorisme

Print
OM eist 34 maanden cel tegen bestuurslid moskee Geleen dat wordt verdacht van financieren terrorisme

Laarbi A. wordt verdacht van financieren van terrorisme Afbeelding: Nicole van den Hout

Roermond / Born / Buchten / Holtum / Papenhoven / Obbicht / Grevenbicht / Sittard / Limbricht / Einighausen / Guttecoven / Munstergeleen / Geleen / Graetheide / Windraak -

Het Openbaar Ministerie (OM) eist 40 maanden cel waarvan 6 maanden voorwaardelijk tegen moskeebestuurder Laarbi A. (41) uit Geleen die wordt verdacht van het financieren van terrorisme en deelname aan een terroristische organisatie. Hij bracht met zijn liefdadigheidsstichting BabyCare geld en goederen naar het strijdgebied van Islamitische Staat (IS) in Syrië tussen 2014 en 2017.

A. moet op de hoogte zijn geweest van de gruweldaden van terreurbeweging IS, gezien de vele IS-propaganda die bij hem is aangetroffen, zijn sociale mediagebruik èn zijn opleidingsniveau. Hij studeerde onder meer voor arabist. „Hij wist veel meer dan dat hij zegt dat hij wist”, zegt officier van justitie Anneke Rogier. „Verdachte heeft veel te verbergen.” Ook na het uitzitten van zijn celstraf moet A. nog minstens drie jaar goed in de gaten worden gehouden, vindt het OM dat ook een verbod op het beheren van financiën van stichtingen en derden voor drie jaar.

Niet willekeurig

Volgens het OM kwam de steun van BabyCare uitsluitend alleen terecht bij IS-aanhangers en werden goederen niet willekeurig verstrekt en was A. daar ook niet op uit. „Er was geen sprake van hulpverlening aan anderen dan IS-aanhangers.” Hulp aan strijders heeft niets te maken met een humanitaire missie, maar IS wordt „op slinkse wijze” voorzien van geld en goederen, zegt Rogier. In totaal zou het gaan om meer dan een ton aan geld en goederen. Hij werkte samen met de Turkse stichting Fukara Der, die volgens experts sympathiseert met IS, om de goederen in Syrië te krijgen. Uit de administratie van Fukara Der zou blijken dat hulp terechtkwam bij gezinnen van martelaren en IS-strijders. Volgens A. werd naar achtergrond niet gekeken. Een kind in nood wordt geholpen, of het nu van IS is of niet, en controle van de namenlijsten was moeilijk. Het OM noemt dit verweer „uiterst ongeloofwaardig”. Als vragen over de hulpverlening worden gesteld, wijkt A. „consequent uit naar zijn standaard ‘niet-rechtstreekse-antwoord-op-moeilijke-vragen: ‘Ik verleende hulp’. Punt”, betoogt Rogier. Hij nam ook grote sommen contanten mee naar Syrië, van in totaal ruim 84.000 euro tijdens meerdere reizen naar Syrië. In 2016 doet hij bijvoorbeeld bij de douane aangifte van het transporteren van 32.000 euro. Hij meldde elf reizen bij de gemeente Sittard-Geleen waar hij een uitkering had, maar meldde de reizen naar Syrië niet, zegt het OM.

Misleiding

Via de Facebookpagina van BabyCare werden „misleidende en valse beelden verspreid” om geld in te zamelen voor vluchtelingen die „moeten doen geloven dat er zonder onderscheid goederen worden uitgedeeld aan arme, hulpbehoevende mensen”, zegt de officier van justitie. A. post onder meer een foto onder de noemer ‘Syrische vluchteling’ maar uit onderzoek blijkt het een foto van een jongen uit Servië te zijn die op 18 november 2015 is gemaakt. Dat geld ook voor een foto van twee kinderen op een matras die in Belgrado is gemaakt. Toen de rechtbank hem ermee confronteerde dat hij inspeelde op emoties door het tonen van foto’ van kinderen, antwoorde A. „het gaat niet om emoties”. „A. blijft verhullen waar het werkelijk om ging: misleiding van mensen die geld doneren” aldus de officier van justitie.

Lees ook: Liefdadigheid en jihad is moeilijk bewijsbaar

Ziekenhuis

Met het brengen van geld en goederen in IS-gebied heeft hij het terrorisme gefinancierd en zelf deelgenomen aan IS, luidt de aanklacht. Zo doneerde hij geld aan een ziekenhuis in Raqqa voor de aanschaf van medicijnen en deelde gericht goederen uit in vluchtelingenkampen aan mensen die op de namenlijst voorkwamen. Hij reisde samen Jermaine Walters, die zich na die reis aansloot bij IS en at met Jermaine en de Nederlandse jihadist en oud-lid van de Hofstadgroep Ismaïl Akhnikh een ijsje op het beruchte al-Naimplein in Raqqa waar executies en onthoofdingen wekelijkse praktijk waren. A. wordt, als secretaris en vicevoorzitter van moskee Al Houda in Geleen samen met de oud-voorzitter Stefan Z. ook verdacht van valsheid in geschrifte met de donateurslijsten om voor de geloofsgemeenschap te verhullen dat ruim twee ton aan giften voor aankoop van het nieuwe moskeepand afkomstig was uit het Midden-Oosten. Voor zover bekend is A. de eerste moskeebestuurder in Nederland die voor terrorismezaken wordt aangeklaagd.

IS-sympathie

Het hele dossier ademt A.’s sympathie voor Islamitische Staat, constateerde de rechtbank vorige week bij het voorhouden van de feiten. Op zijn computer stonden jihadliederen, videobestanden die de jihadstrijd en het martelaarschap verheerlijken, toespraken van Osama bin Laden, al-Qaida ideoloog Ayman al-Zawahiri en Abdullah Azzam, de godfather van de jihad. In zijn auto luistert hij naar liederen die de jihad verheerlijken.

Hij juichte in Syrië de opvoeding van kinderen in de IS-ideologie toe in een gesprek met Jermaine Walters dat is vastgelegd op video. „Wonen in IS-gebied, de kinderen worden opgevoed in leer van IS. Wat wil je nog meer.” Met die woorden getuigt hij „onmiskenbaar zijn sympathie voor de ideologie van IS” zegt de officier dinsdagochtend. Vorige week tijdens de behandeling van het dossier merkte de rechtbank op dat dit geen woorden zijn voor een neutrale hulpverlener. Ook is er is een gedetailleerde getuigenverklaring van een Syrische asielzoeker in Nederland waaruit blijkt dat A. IS verdedigde en er trots op was dat hij drie keer in IS-gebied in Syrië hulp had geboden.

Lees ook: ‘Kinderen worden opgevoed in de leer van Islamitische Staat, wat wil je nog meer?

Ontkenning

Laarbi A. ontkent dat hij IS-strijders heeft gesteund en zegt louter op humanitaire missie te zijn geweest. Dat het onmogelijk is om in IS-gebied hulp te verlenen zonder contact met en toestemming van de terroristische organisatie betekent volgens A. niet dat hij sympathiseert. Hij ontkent het IS-gedachtegoed te steunen. De rechtbank vroeg zich af waarom hij zich niet uitsprak tegen het gedachtegoed en de gruweldaden van IS. A. zei dat hij neutraal wilde blijven en niet voor of tegen IS te zijn.

De verantwoordelijkheid voor de reisroute en plekken van bestemming van de hulpgoederen legt hij bij de verschillende stichtingen met wie hij samenwerkte, die de contacten met de lokale gezaghebbers onderhielden. Hij zegt dat hij daar geen invloed op had. Hij claimt de inhoud van de bloederige jihadliederen (Het bloed van de ongelovigen moet vloeien, het moet stromen als een rivier) niet te kennen omdat het hoogstaand Arabisch was dat hij niet verstaat en ze louter te luisteren omdat ze mooi klonken.

Invloed

Volgens een andere getuigenverklaring omringde A. zich met jongeren die vooral bezig waren met de Syrische revolutie, en radicaliseerden zij onder zijn invloed en die van een vriend van hem, die leider van de jongerenafdeling van de moskee was. In gesprekken werden gematigde moslims als afvalligen betiteld, duidelijk het gedachtegoed van IS en Al Qaida. De aanvankelijke verdenking ronselen is komen te vervallen omdat bewijs daarvoor ontbreekt.

Ronselen

Signalen over ronselen voor de strijd in Syrië door bestuursleden van de moskee èn een gift van meer dan twee ton uit het Midden-Oosten terwijl de koopsom voor het nieuwe moskeepand versneld werd afbetaald, waren in 2015 de reden voor de start van het strafrechtelijk onderzoek. In februari 2017 vielen politie, fiscale opsporingsdienst Fiod en Belastingdienst onder meer de moskee en de woningen van de verdachten binnen. Later dat jaar werden beiden gearresteerd. Z. zat 79 dagen in voorarrest. Dat is precies de straf die de officier van justitie vorige week eiste, maast 21 dagen voorwaardelijk en een taakstraf van 120 uur. De strafeis valt lager uit dan gebruikelijk voor een dergelijk feit omdat berechting meer dan vier jaar op zich heeft laten wachten en de redelijke termijn van twee jaar is overschreden.

Bestuurslid

De reclassering heeft geadviseerd A. te verbieden om leiding te geven aan hulpverlenende instanties en het beheren van financiën van anderen. De kans op gewelddadig extremisme beoordeelde de reclassering als matig. Een poging om te duiden waar A. ideologisch staat, is mislukt omdat hij weigerde mee te werken aan gesprekken met specialisten daarover omdat hij vindt dat zijn geloofsbeleving los staat van de zaak. De reclassering acht het wenselijk dat er een nieuw bestuur komt in de moskee voor de noodzakelijk rust en A. uit zichzelf een stap terug doet. A. vindt dat het aan de leden van de moskee om te bepalen of ze hem terug willen als actief bestuurslid.

Grote vraagtekens

De advocaat van A., Tamara Buruma, zet grote vraagtekens bij de deskundigheid van enkele getuigen die het OM hoorde om met name de rol van Fukara Der te schetsen. De rol van deze organisatie moet gezien worden tegen de achtergrond van ’de complexe Turkse politieke realiteit’ en niet op de gekleurde meningen van critici van Turkije. Enkele open bronnen waar het OM gebruik van maakte zijn om die reden niet betrouwbaar genoeg volgens haar. Buruma hamerde er ook op dat nooit is bewezen dat geld dat A. had ingezameld direct of indirect voor iets anders werd gebruikt dat het aanschaffen van water, luiers, melkpoeder, dekens en kachels. Alles was bedoeld voor hulp aan kinderen in nood. Het OM wekt de suggestie dat die kinderen IS-ers zijn, zei Buruma. Maar A. was slechts uit op humanitaire hulp bieden aan de meest kwetsbaren in levensbedreigende omstandigheden. En dat waren kinderen in IS-gebied die niet of nauwelijks werden bereikt door reguliere hulporganisaties. Dan, meende Buruma, maakt het zelfs niet uit wat de ideologie van de gever is. Dat A. juist die gebieden bezocht bewijst volgens haar niet dat A. sympathiseert met de ideologie van IS. Het OM liet de verdenking van lidmaatschap van IS gisteren overigens ter zitting vervallen wegens gebrek aan bewijs.

A. zelf ontkent ook jihadistische sympathieën te hebben. Hij heeft wel belangstelling voor alles dat in het Midden-Oosten speelt. IS-video’s van executies die op zijn informatiedragers werden aangetroffen zijn selectief gekozen en aan het dossier toegevoegd terwijl andere filmpjes die de breedheid van zijn interesse zouden kunnen aantonen niet zijn meegenomen. Veel filmpjes kwamen ook ‘automatisch’ via downloads uit Telegram op zijn laptop zonder dat hij ze had gezien, zei de advocate. Zij vroeg vrijspraak op alle aanklachten.

In zijn laatste woord zegt A. dat het hele dossier ademt dat het OM zich onvoldoende heeft verdiept in de islam. Hij hekelt een rechercheur die basisbegrippen die met zijn geloof te maken niet kent. Ook zegt hij dat het vreselijk zou zijn als door de fouten van een enkele man de moskee in Geleen in diskrediet zou worden gebracht. Als we het dan toch over bloedvergieten hebben, zegt hij, dan offer ik me op.

Uitspraak op 22 juli.