Dit artikel is exclusief voor jou als abonnee van De Limburger te lezen
Plus-artikelen zijn exclusief voor abonnees van De Limburger. Verder lezen?

Commentaar: ‘Zo schiet het niet op met de energietransitie’

Commentaar: ‘Zo schiet het niet op met de energietransitie’

De overheid moet weer de regie nemen in de energievoorziening, omdat de markt het niet aankan. Afbeelding: Hollandse Hoogte / Flip Franssen

Het elektriciteitsnet piept en kraakt. De kabels en hoogspanningsstations van netbeheerder Enexis zijn niet berekend op de pieken en dalen van steeds meer wind- en zonneparken. Enexis trekt ruim 300 miljoen euro uit om het stroomnet en de tussenstations in Limburg te verzwaren en uit te breiden. Maar dat kost veel tijd: zes tot acht jaar, als het niet langer is. Zo gaat kostbare tijd verloren. Netbeheerders kampen met grote personeelstekorten. Tot die tijd dreigt de energietransitie te verzanden. Allerlei concrete plannen kunnen in de ijskast. Boeren die zonnepanelen op hun stallen willen leggen, vangen sinds kort bot als ze Enexis hun groene stroom willen aanbieden. Ook energiecoöperaties van goedwillende burgers, die vergunningen en subsidies voor een zonneparkje hebben geregeld, staan nu voor een dichte deur. Niet omdat het netwerk in Limburg al volledig bomvol zit, maar omdat commerciële – vaak buitenlandse – investeerders de laatste restjes capaciteit op het netwerk hebben gereserveerd. Zo nemen ze strategische posities in, vaak zonder al concrete plannen te hebben, laat staan vergunningen of subsidies. Het is als vakantiegangers die ’s ochtends vroeg met hun handdoeken de beste ligstoelen rond het zwembad reserveren, en dan pas ’s middags - of helemaal niet - komen opdagen, tot grote frustratie van de rest. Netbeheerders zoals Enexis zijn wettelijk verplicht het principe ‘wie het eerst komt, het eerst maalt’ na te leven, ongeacht het realiteitsgehalte of de slagingskans van de ingediende plannen. Ze mogen ook niet zelf ver vooruit plannen.