Woningtekort in Limburg loopt op: waarom er amper wordt gebouwd voor starters en senioren

Print
Woningtekort in Limburg loopt op: waarom er amper wordt gebouwd voor starters en senioren

Afbeelding: ANP

Heerlen / Hoensbroek / Maastricht / Itteren / Venlo / Hout-Blerick / Boekend / Steyl / Lomm / Tegelen / Velden / Belfeld / Blerick / Arcen -

Gemeenten en bouwsector moeten een stevig tandje bijzetten om de woningkrapte in Limburg te kunnen inlopen. Ontwikkelaars zijn kieskeurig: geen verdienmodel, geen bouwkraan.

De schaarste aan onderdak in Limburg is de afgelopen tien jaar niet afgenomen, maar juister verder toegenomen. Het aantal nieuwe woningen heeft de stijging van het aantal huishoudens niet kunnen bijbenen. Gemiddeld kwamen er 2350 woningen per jaar bij (nieuwbouw/transformatie minus sloop), terwijl het aantal huishoudens elk jaar met pakweg 2600 toenam.

De Limburgse woningsector staat mede hierdoor onder extra hoogspanning. Het aanbod koopwoningen droogt zienderogen op; mensen worden moedeloos. Dat geldt ook voor de jonge huurder, de starter, de spoedzoeker en zeer zeker de vitale oudere die graag gelijkvloers wil wonen.

Lees ook: Huurprijzen in Limburg stijgen ruim twee keer zo hard als landelijk gemiddelde

De bouw wil in principe wel, maar ziet zich geconfronteerd met personeelskrapte, stijgende bouwkosten (onder andere door duurzaamheidseisen) en soms tijdrovende procedures. In sommige soorten woningen zien ontwikkelaars amper een verdienmodel en blijven ze het liefst weg. Tenzij ze het verlies op bijvoorbeeld sociale sectorwoningen kunnen compenseren met winst op een groot aantal nieuwe huizen in de duurdere of vrije sector.

Transformatie

In Limburg is aan grootschalige nieuwbouwprojecten echter amper behoefte. Temeer omdat het aantal huishoudens tot 2030 nog licht stijgt, om daarna weer geleidelijk aan af te nemen. „Gezien de demografische ontwikkeling zoals we die vooralsnog verwachten in Limburg, is het verstandig om meer in te zetten op transformatie van bestaand vastgoed en de realisatie van tijdelijke woningen”, meent gedeputeerde Lia Roefs (Wonen).

Lees ook: Geen woningbouw in buitengebied Venlo, ook al is de nood hoog

Regio’s als bijvoorbeeld Parkstad en de Westelijke Mijnstreek zijn daarbij meer dan ooit aangewezen op initiatieven en inspanningen van woningcorporaties. De voormalige mijnstreken worstelen met grote contingenten naoorlogse huisvesting, die moeilijk is aan te passen aan de moderne tijd. Daarnaast staan in de hele provincie nog veel portiekflats (zonder lift), die zouden moeten worden aangepakt dan wel gesloopt.

Spagaat

De transformatieopgave in Limburg is enorm. Corporaties zitten echter in een spagaat. Een deel van hun vermogen vloeit via de verhuurdersheffing naar de staatskas. En met het andere deel staan ze aan de lat voor zowel verduurzaming, leefbaarheid in de wijk, sloop en nieuwbouw. De euro kunnen ze echter maar één keer uitgeven.

Volgens de Provinciale Woonmonitor 2021 moet de huidige woningvoorraad in Limburg tot 2030 groeien met zo’n 11.000 nieuwe woningen, plus 3.000 voor internationale werknemers. Daarbij komt verder een nog onbekend aantal voor statushouders.

Inhaalslag

Er is afgelopen jaar een kleine inhaalslag gemaakt. De Limburgse woningvoorraad nam netto met 3400 woningen toe (0,7 procent). „Dit is een duidelijke versnelling ten opzichte van de woningvoorraadontwikkeling in eerdere jaren”, zegt gedeputeerde Roefs. „Limburg breed zien we dat er relatief meer huurwoningen en appartementen gebouwd worden. Dit sluit aan bij de veranderende vraag.”

Woningtekort in Limburg loopt op: waarom er amper wordt gebouwd voor starters en senioren
Foto: De Limburger

„Maar we zijn er nog niet,” zo waarschuwt ze. „Op specifieke plekken moeten we nog meer realiseren voor de doelgroepen die het nu moeilijk hebben op de woningmarkt. Het is zaak om plannen die voorzien in een urgente behoefte, met voorrang te realiseren en om de bestaande woningvoorraad duurzaam, energie- en levensloopbestendig te transformeren.”

Veel gemeenten verdienen evenwel geen snelheidsprijs. Er wordt veel gesproken over mooie plannen, maar weinig daarvan daadwerkelijk tijdig gerealiseerd. Hoewel het een momentopname betreft, blijkt uit de cijfers van 2020 dat enkele gemeenten zelfs negatief scoren qua woningvoorraadontwikkeling. Er is meer gesloopt dan gebouwd.

Bedroevend

Zeer opmerkelijk in de cijfers van de Woonmonitor: er is met name in Zuid-Limburg een zeer teleurstellend aantal wooneenheden gerealiseerd voor starters (37) en senioren (170) en in mindere mate sociale huurders. Dit in nota bene dat deel van Limburg, waarin zich niet alleen meer dan de helft van alle Limburgse woningen bevindt, maar waar ook de behoefte aan maatwerkwoningen het grootst is.

„Het valt inderdaad op dat vorig jaar in Zuid-Limburg weinig is gebouwd voor deze doelgroepen”, merkt Roefs op. Waarom? Omdat investeringen in dit type woningen veelal niet worden terugverdiend gedurende de exploitatie ervan. „Het realiseren van woningen waaraan behoefte is, is vaak minder rendabel. Daarom lobbyen we samen met de regio bij het Rijk voor extra geld. Verder bieden we diverse regelingen aan om initiatiefnemers een zetje in de rug te geven.”

Alle goede voornemens ten spijt, weet ook Roefs, blijven de vooruitzichten uiterst somber voor de wanhopige woningzoekenden van nu.

Rijksgelden

Om voor specifieke doelgroepen echt wat te kunnen betekenen, is een rijksbijdrage onontbeerlijk. Maar de kraan drupt slechts. Er gaat beduidend meer geld naar Randstedelijke projecten. Limburgse projecten die wel vanuit Den Haag zijn gesubsidieerd, zijn de Woningbouwimpuls in Heerlen en het Volkshuisvestingsfonds Heerlen, Maastricht, Parkstad en Sittard-Geleen/Stein. „Ook zijn er middelen aangevraagd ter ondersteuning van gemeenten”, aldus Roefs. „Met de inzet van extra personeel moet er een versnelling in woningbouwprojecten worden aangebracht.”

Geld alleen is niet zaligmakend. Voor alle plannen moeten procedures worden doorlopen, compleet met participatie, inspraak en bezwaarmogelijkheden. Dat is vaak een vertragende factor en draagt bij aan verdere kostenverhoging. Een nieuwe minister van Wonen zou procedures moeten kunnen verkorten, desnoods met een noodwet.

Leningen

Verder speelt het tekort aan vaklieden in de bouw de sector parten. Een gezamenlijk opleidings- en wervingsplan is nodig, evenals meer innovatie van het bouwproces. Van de bewoners zelf mag van Roefs eveneens een inspanning worden verwacht. „Maar wat mij opnieuw opvalt, is dat het aantal verstrekte leningen voor levensloopbestendige maatregelen klein is”, aldus gedeputeerde Roefs. „We bekijken hoe we dat beter kunnen stimuleren. De Startersleningen en de Duurzaam Thuis-leningen daarentegen lopen wel goed.”

De Limburgse Agenda Wonen 2020-2023 kreeg als titel ‘Versnellen, versterken en doorzetten’. De juiste woning op de juiste plek. Dat vraagt om maatwerk per gemeente en daarbinnen per wijk, buurt of locatie. Een helse uitdaging.

Toegang tot alle Plus-artikelen?

Dagelijks worden meer dan 100 Plus-artikelen gepubliceerd door de verslaggevers van De Limburger. Steun de regionale journalistiek en word digitaal abonnee vanaf 1,04 per week.

Profiteer nu