Column: Laat je reptielenbrein eens wat meer spreken

Print
Column: Laat je reptielenbrein eens wat meer spreken

Sjra Puts. Afbeelding: Lilian Terstappen

Swalmen / Merum / Roermond / Asenray / Herten / Ool / Asselt / Boukoul / Einde -

Creatief denken is makkelijker dan je denkt en moeilijker als je denkt. Heb ik uw aandacht? Als u de zin nog eens leest, zult u snappen dat creatieve ideeën niet snel uit je ratio komen maar eerder uit je buikgevoel. Daar worden de onlogische combinaties gesmeed die uiteindelijk uitmonden in de ideeënpareltjes van deze wereld.

Tim Hurson beschrijft in zijn boek Think Better waarom we denken zoals we denken. Een korte interpretatie daarvan: menselijke reacties zijn van nature in basis vergelijkbaar met gewoontes die dieren kenmerken. De aap gaat vaak van de ene opwinding naar de andere. Hij heeft nauwelijks het ene ontdekt of hij verliest zijn spanningsboog, om daarna naar het andere te vliegen. Mensen die echte ideators zijn (ideeënbedenkers), doen dat ook vaak.

Boeddhistische mediterenden noemen dat de ‘monkey mind’. Het komt overeen met wanneer je een boek leest, je op de volgende pagina weer terug moet bladeren naar de vorige omdat je niet meer weet wat je gelezen hebt. Je brein heeft de neiging om je te verwijderen van de plaats waar je op dat moment bezig bent.

Het reptielenbrein is een interessant fenomeen. Ons brein is, in deze context, op te delen in drie onderdelen waarvan de cerebrale cortex het grootste is. Met dit menseigen gedeelte doen we erg veel. We denken ermee. Het limbische systeem reageert en creëert een emotie op sensorische input (angst, woede, aantrekkelijkheid). En tenslotte is er de hersenstam die we het reptielenbrein noemen. Van nature reageert een reptiel, op het moment dat het dier geconfronteerd wordt met een onverwachte situatie in zijn habitat, instinctief op vijf verschillende manieren (vergelijk dit met het horen van een nieuw idee). Hij vecht, vlucht, bevriest, vreet of, indien het een andere sekse betreft, paart (vrijen).

Onze eerste impulsieve reactie bij de confrontatie met iets onverwachts is vaak gelijk. Kijk eens naar de volgende situatie: je hebt haast en staat aan de snelkassa van de supermarkt waar je maximaal tien producten in je mandje behoort te hebben. Voor je staat iemand die, op zijn dooie gemak, tenminste 25 producten bij de kassa begint uit te stallen. Bedenk eens wat jouw absoluut primaire reactie zou zijn in dat geval („Zeg hallo, dit is een snelkassa”). In de meeste gevallen zul je wellicht zeggen dat je er niets aan zou doen, maar dan beschrijf je het moment dat ons reptielenbrein ruimte heeft gemaakt voor een reactie gevormd in het limbische gedeelte.

Uiteindelijk zorgt ons verstand ervoor dat we (in de meeste gevallen) adequaat, dan wel niet reageren. Een jonge olifant wordt vaak (helaas) vastgebonden met een ijzeren ketting aan zijn poot. Het doet pijn als hij beweegt. Als hij volwassen is, wordt hij vastgehouden met een henneptouw aan een houten paal. Toch zal hij niet bewegen omdat ‘bewegingen maken als je vastzit’ geassocieerd wordt met pijn.

Terug naar u, zoals altijd. In een groep waar ideeën bedacht worden, zullen er vaak impulsieve, primaire reacties te horen zijn (je reptielenbrein spreekt). Wat we vroeger meemaakten, zit vastgeroest. Stel dat oordeel eens uit en ga eens snuffelen aan het idee. Beweeg eens. Dat doet geen pijn. Misschien is het wel een goed idee om te vrijen….

Toegang tot alle Plus-artikelen?

Dagelijks worden meer dan 100 Plus-artikelen gepubliceerd door de verslaggevers van De Limburger. Steun de regionale journalistiek en word digitaal abonnee vanaf 1,04 per week.

Profiteer nu