Makelaar Denise zoekt vergeefs naar huis voor zichzelf en gaat nu bij schoonouders inwonen

Print
Makelaar Denise zoekt vergeefs naar huis voor zichzelf en gaat nu bij schoonouders inwonen

Wat doe je als je geen woning kunt vinden?  Afbeelding: Getty Images/EyeEm

Panningen / Beek -

Zelfs nu het gebrek aan huizen de prijzen opstuwt naar bizarre hoogtes, hebben veel woningzoekers nog meer wensen dan hun budget rechtvaardigt. Makelaar Denise, die zelf een woning zoekt, had er slechts twee en toch lukte het haar niet om een woning te vinden. Wat doe je dan? Vasthouden aan je woonwensen of juist niet?

Het tv-programma Kopen Zonder Kijken is een kijkcijferkanon, hoe voorspelbaar het patroon ook is. De stellen die de aankoop en verbouwing van hun woning uit handen geven, hebben vaak een waslijst aan wensen: jarendertighuis, vier slaapkamers, grote tuin op het zuiden, open leefkeuken, energiezuinig. En, o ja, gelegen aan een rustige weg in een kindvriendelijke buurt in plaats X.

De makelaar gaat op zoek naar de speld in de hooiberg, vindt die niet en keert terug bij de stellen met de boodschap dat de missie onmogelijk is. Zij hebben veel meer wensen dan budget. En dan valt het c-woord: concessies. Er dient fors gesnoeid te worden in het verlanglijstje, waarna ze hun droomhuis alsnog krijgen, en bubbels en tranen vloeien.

Lees ook: Makelaar Luc Huynen ziet wanhopige kopers: ‘Soms is het bijna onmenselijk’

Denise herkent het beeld maar al te goed. Als makelaar slaagde zij er niet in een woning voor zichzelf te vinden. Omdat ze dat vervelend vindt, wil ze niet met haar echte naam in de krant. Zij en haar vriend begonnen drie jaar geleden met de zoektocht. Denise had slechts twee wensen: een ligbad en een weiland voor haar twee paarden. Haar vriend voegde er twee aan toe: het moest een vrijstaand huis zijn en het moest in zijn geboorteplaats in Noord-Limburg liggen. Omdat de twintigers wat spaargeld hadden en bijna een half miljoen konden lenen, waren ze vol goede moed. Het lukte echter niet een geschikte woning te vinden. Ook waren ze niet bereid een streep door hun wensen te halen.

Wensen in beton

Veel woningzoekers houden in deze op hol geslagen markt nog steeds vast aan hun woonwensen, constateert ook Etienne Erkens. De aankoopmakelaar uit Beek wordt vaak in de arm genomen als mensen telkens achter het net vissen. In zijn kennismakingsgesprek doet hij er dan ook alles aan om de verwachtingen te managen. Maar eerst wil hij weten wat de mensen willen, en wat niet.

Erkens heeft vooral te maken met doorstromers, die op zoek zijn naar een andere woning. Ze weten vaak goed wat ze willen en wat ze te besteden hebben. Als de makelaar het gewenste huis niet kan vinden, loopt hij met de opdrachtgevers de eisen na om te onderzoeken waar ze water bij de wijn kunnen doen.

Dan blijkt, aldus Erkens, dat veel wensen in beton zijn gegoten. Ze willen vrijstaand wonen, niet in een tweekapper. De grote tuin is een must, vier slaapkamers zijn het minimum. Als dan toch toegegeven moet worden, dan is het meestal de locatie. „Veel mensen zeggen: het móét Maastricht zijn. Pas als er echt niets te vinden is, zijn ze bereid het zoekgebied uit te breiden naar Meerssen, Bunde, Cadier en Keer en Margraten.”

Voetjes op de grond

Hoe star woningzoekers kunnen zijn als het de woning betreft, zo toegeeflijk zijn ze als het gaat om de woonomgeving, merkt Erkens. „Mensen verheugen zich soms zo op de bezichtiging, omdat een huis op de foto’s voldoet aan hun verwachtingen, dat ze bij wijze van spreken niet eens meer hoeven te kijken.” Hij, als aankoopmakelaar, dwingt ze dan toch om uit de auto te stappen en ook de omgeving te ervaren. Om te kijken, te horen, te ruiken.

Erkens herinnert de mensen eraan dat ze bij de eerste ontmoeting zeiden dat hun nieuwe huis niet aan een drukke weg of spoorlijn mocht liggen. En ook niet bij het vliegveld in Beek of bij Chemelot, het industrieterrein voor chemische bedrijven. Waar veel mensen eerdere bedenkingen ter plekke overboord kieperen, zal hij ze af en toe nadrukkelijk adviseren om een woning niet te kopen. Omdat hij denkt dat ze spijt krijgen.

Erkens: „Stel dat je het huis over een paar jaar wilt verkopen, maar dat het niet lukt, omdat de vraag minder groot is en die drukke snelweg een obstakel blijkt voor geïnteresseerden. Ik vraag ze dan om er twee nachtjes over te slapen en dan staan ze meestal weer met beide benen op de grond.” Hij vindt dat het bij zijn rol hoort om ook de nadelen van een locatie te beklemtonen. „Ik wil me straks niet hoeven te verstoppen in de supermarkt, omdat ik met mensen een huis heb aangekocht dat ze niet wilden.”

Vloeken in de kerk

Ook Maarten Pijnenborgh van Maison Makelaars in Panningen merkt dat kandidaat-kopers veel noten op hun zang hebben, en opvallend vaak starters. „Sommigen willen meteen een vrijstaande woning. Als ze allebei wat gespaard hebben, een goede baan hebben en soms nog geholpen worden met een schenking van de ouders, kunnen ze die vaak ook nog betalen. Deze week heb ik nog een woning van 5,5 ton verkocht aan een starter.”

Dat betekent niet dat alle wensen vervuld worden. Als starters geen kinderen hebben, nemen ze eerder genoegen met minder slaapkamers. De tuin hoeft bij nader inzien niet zo groot en hoeft niet op het zuiden te liggen. En de keuken en badkamer kunnen later verbouwd worden. „Bij de eerste bezichtiging is de wensenlijst vaak ellenlang en bij de derde is die nog maar de helft.”

Lees ook: Woningmarkt in crisis, regisseur gezocht

In tegenstelling tot wat makelaar Erkens in Zuid-Limburg meemaakt, is het opperen van een andere locatie op het platteland in Noord-Limburg nog vaak vloeken in de kerk. „Iemand uit Helden wil niet in buurdorp Panningen wonen. En iemand uit Sevenum niet in Horst. De nood moet wel erg hoog zijn, willen ze naar een ander dorp verhuizen.”

Niet in verleiding

Doorstromers hechten vaak aan instapklare woningen, zegt Pijnenborgh. „Ze missen zelf vaak twee rechterhanden of hebben geen geld meer voor een verbouwing, omdat de woning zo duur was. Daar komt bij: vind tegenwoordig maar eens mensen die het werk kunnen doen.”

Ouderen willen graag verhuizen naar een levensloopbestendige woning, maar stellen vaak als voorwaarde dat er twee slaapkamers zijn: één voor de kleinkinderen. Het probleem is echter dat het aanbod minimaal is. Bovendien willen ze eerst kopen en dan pas hun eigen woning verkopen. Pijnenborgh: „Ofschoon ze waarschijnlijk de hoofdprijs krijgen, zien ze ertegenop om een overbruggingskrediet aan te vragen van een paar ton.”

Denise en haar vriend kunnen binnenkort toch samenwonen. Ze hebben een andere oplossing gevonden: „We gaan inwonen bij mijn schoonouders.” De voormalige garage wordt verbouwd tot woonkamer. Achteraf is ze er blij mee. „Ik begon te twijfelen of we het maximale bedrag moesten lenen. We willen ooit kinderen. Ik weet niet of we allebei fulltime willen blijven werken. Gelukkig waren er weinig woningen te koop die aan al onze wensen voldeden, zodat we niet in de verleiding zijn gekomen. Anders zou ik misschien toch zijn gezwicht.”

Toegang tot alle Plus-artikelen?

Dagelijks worden meer dan 100 Plus-artikelen gepubliceerd door de verslaggevers van De Limburger. Steun de regionale journalistiek en word digitaal abonnee vanaf 1,04 per week.

Profiteer nu