Brouwer: horeca in de grensstreek heeft perspectief nodig

Print
Brouwer: horeca in de grensstreek heeft perspectief nodig

Chris Vanbroekhoven (37), directeur AB Inbev Nederland.   Afbeelding: Rias Immink

Arcen -

Nederland doet er verstandig aan om de horeca gecontroleerd te heropenen. Die oproep doet topman Chris Vanbroekhoven van AB InBev, de Belgische brouwer van bieren als Hertog Jan (in Arcen) en Corona. Hij zegt met lede ogen te zien hoe een ‘mooi en divers horecalandschap kapot gaat’, terwijl Nederlanders in België naar de kroeg gaan.

Onverdacht is het pleidooi van de grootste bierbrouwer ter wereld om de kroegen te heropenen niet. „Ik ben geen viroloog. Ik heb uiteraard een horecapetje op. Maar Nederland loopt internationaal uit de pas”, meent Vanbroekhoven, hoogste baas van AB InBev in Nederland. „De horeca in Nederland vormt een mooi en divers landschap, met veel sterke ondernemers. Maar die worden wel heel erg hard aangepakt. Dit middel is te zwaar, ik pleit voor gecontroleerd heropenen.”

Nederland kende 32 weken (gedeeltelijke) sluiting van de horeca in 2021. In België was de horeca 39 weken gesloten. Momenteel zijn de Belgen weer soepeler dan wij. Vanbroekhoven ziet dan ook veel Nederlanders de kroeg bezoeken in Vlaanderen, waar hij nog woont. Daar mag de tap tot 23.00 uur open, mits men maar zittend aan tafel het biertje drinkt. „Dat is heel pijnlijk om te zien voor onze Nederlandse ondernemers.”

Brouwer: horeca in de grensstreek heeft perspectief nodig
De brouwerij van Hertog Jan in Arcen.  Foto: Stefan Koopmans

AB InBev heeft agressieve groeiambities in Nederland, de thuismarkt van Heineken. De Belgisch-Braziliaanse fusiemoloch met merken als Stella Artois, Hertog Jan, Bud, Dommelsch, Leffe en – ja – ook Corona, zegt bij monde van de in 2021 aangetreden Vanbroekhoven „marktleider te willen worden”, zowel in de kroeg als in de supermarkt. „Dat is mijn doel in Nederland. Horeca is hierin een belangrijke pijler.”

De lockdowns zetten die ambities op pauze. Toch is inmiddels zo’n „één op vier” Nederlandse horecazaken klant bij AB InBev, ruim zevenduizend in totaal. Heineken zit daar nog ruim boven, in sommige provincies met een aandeel van ruim 50 procent.

Uitgehold

Vanbroekhoven heeft de horecaondernemers vanzelfsprekend nodig voor zijn groeiambities, maar hoort in contacten met kroegeigenaren dat velen nu gefrustreerd raken door het gebrek aan perspectief, terwijl ze financieel worden uitgehold door verplichte sluitingen. „Wat blijft er straks over aan kroegen? En wat is de motivatie van ondernemers nog? Dat vraag ik me ook af, omdat dit zo maar eens niet de laatste lockdown zou kunnen zijn. Ik vrees dat een deel van die ondernemers straks voorgoed is verdwenen.”

Volgens de brouwer blijkt uit voorbeelden in het buitenland dat horeca gecontroleerd open kan, met gebalanceerde openingstijden en ‘zittend consumeren’. Als het concern zo begaan is met de kroegen, kan het zelf dan niet meer doen? „We hebben kosteloos bier teruggenomen uit tanks, hebben handgels en dergelijke gemaakt en aan de zorg verstrekt. We zijn een beperkte verhuurder, maar in individuele gevallen geven we huurkortingen in lijn met de formule van 30 procent die de Hoge Raad onlangs uitsprak.”

AB InBev heeft in tegenstelling tot Heineken en Grolsch geen vastgoed meer in eigendom. Wel is het bij zo’n 10 procent van de horecagelegenheden tussenhuurder.

Meer lezen?

Nieuwe actie: Één jaar toegang tot alle Plus-artikelen voor slechts 1,04 per week. Daarmee lees je dagelijks meer dan 100 nieuwe Plus-artikelen op onze site & app. Of kies voor een van onze andere abonnementen.

Ik word digitaal abonnee