Vrachtwagenchauffeur aangeklaagd voor moord na doodrijden motoragent

 

 © ANP / AS MEDIA

Vrachtwagenchauffeur Willem M. (46) wordt vervolgd voor moord vanwege het doodrijden van motoragent Arno de Korte in juli vorig jaar. De rechtbank in Rotterdam ging dinsdag akkoord met de gewijzigde tenlastelegging.

Redactie

Aanvankelijk werd M. vervolgd voor doodslag. De officier van justitie verklaarde dinsdag tijdens een inleidende zitting dat er aanwijzingen zijn voor voorbedachte rade en daarmee voor moord. M. zou hebben gehandeld uit „rancune, boosheid en haat” toen hij door De Korte (47) werd aangehouden. „Hij was rancuneus naar de politie, en de verkeerspolitie en motoragenten in het bijzonder.”

Lees ook: Trucker verdacht van doodrijden motoragent reed eerder agent aan

Volgens de officier heeft de trucker uit Melissant (Zuid-Holland) de aanrijding op de Waalhavenweg in Rotterdam met opzet veroorzaakt en is hij daarna enkele honderden meters doorgereden „in de wetenschap dat De Korte de aanrijding niet zou overleven.” Op het moment van de aanrijding was zijn snelheid 45 kilometer per uur. Na de aanrijding accelereerde hij naar 71 kilometer per uur. Of het OM moord kan bewijzen, moet blijken op de inhoudelijke behandeling van de strafzaak op 5 en 6 september. Wel citeerde de officier van justitie alvast uit verklaringen van ooggetuigen. Die hoorden de vrachtwagenchauffeur gas geven en zagen hem niet uitwijken.

Agenten vormen een erehaag voor hun collega. 

Agenten vormen een erehaag voor hun collega. © ANP

De advocaat van M. benadrukte dat zijn cliënt kort voor de aanrijding geen verkeersovertreding had begaan. Waarom de verdachte een volgteken kreeg is niet duidelijk en weet alleen de omgekomen motoragent, aldus de officier.

Vraagtekens over afstand op uitvoegstrook

De advocaat zette vraagtekens bij de afstand tussen de vrachtwagenchauffeur en de motoragent toen ze op de uitvoegstrook reden. Volgens technisch onderzoek zou de afstand 28 meter zijn geweest, waardoor M. met zijn snelheid genoeg tijd zou hebben gehad om te remmen en zo de dodelijke aanrijding te voorkomen. De advocaat betoogde dat die afstand veel korter moet zijn geweest. Voor het besluit om te remmen zou M. slechts enkele seconden de tijd hebben gehad. Hij zou „onbewust minder accuraat hebben gereageerd, waardoor hij mogelijk de verkeerde beslissing heeft gemaakt.” M. heeft de motoragent dan ook niet met opzet aangereden, betoogde de raadsman.

De rechtbank gaat de verkeersdeskundige die het ongeluk heeft onderzocht om een toelichting vragen. Ook wordt op verzoek van de verdediging nog een aantal getuigen gehoord.

Eerdere ongevallen

M. is betrokken geweest bij twee eerdere ongevallen, in 2015 en 2020. Het slachtoffer bij het eerste incident was eveneens een motoragent. Die raakte door de aanrijding een arm kwijt.

De voorlopige hechtenis van M. wordt verlengd tot de volgende voorbereidende zitting. Die is op 8 juni.

Meer lezen?

Nieuwe actie: Één jaar toegang tot alle Plus-artikelen voor slechts 1,04 per week. Daarmee lees je dagelijks meer dan 100 nieuwe Plus-artikelen op onze site & app. Of kies voor een van onze andere abonnementen.

Ik word digitaal abonnee