Blikseminslag in de kerk van Banholt deed Gerlachus alleen maar stijgen in achting

De kerk in Banholt. © archief Stichting Heemkunde Tebannet

Banholt -

Het was al dagen broeierig heet geweest met Pinksteren, tijdens de Sint-Gerlachuskermis van 1903. De kerk zat afgeladen vol. De meerstemmige misgezangen werden overstemd door aanzwellend onweer. Juist had de predikant het ‘beminde gelovigen’ uitgesproken, toen een felle slag iedereen opschrikte.

Harry van der Bruggen - Stichting Heemkunde Tebannet

Men vertelde later dat de bliksem de hoogste olm naast de kerk had geraakt en door de openstaande deur de kerk was binnengekomen. Een vuurbol schoot met knetterend geweld door de kerkruimte. De schrik was enorm, gevolgd door paniek. Mensen vielen flauw. Links en rechts klonk gekerm. Er werd ‘Brand!’ geroepen. Iedereen dromde naar de uitgangen. Een kerkmeester bleek geraakt, althans zijn schoen. Hij werd de kerk uitgedragen, naar het aanpalende café, waar hij zienderogen opknapte. Brandgaatjes in hun kleren hadden vooral leden van de harmonie, die waren opgesteld bij het Jozefaltaar, waarlangs de bolbliksem zich een weg had gezocht.

Weg door de kerk

Later kon worden vastgesteld welke weg de bliksem had afgelegd en welke schade er was aangericht. De vuurbol was het Gerlachus-altaar gepasseerd, had koperen kandelaars omver geworpen en vergulde lijsten van schilderijen uiteen gerukt. Vervolgens had de bliksem bij het Jozefaltaar een koperen tuba op zijn weg gevonden waarin hij enkele deuken had geslagen. Via een koperen luchter in de sacristie had hij de kerk verlaten en was ten slotte via de olm geaard. Bij het Gerlachus-altaar had de bliksem niet alleen alle kaarsen ontstoken, maar ook brand aangericht onder de papieren kunstbloemen. De beginnende brand werd geblust met gewijd Gerlachus-water en -zand.

Heftig

Hoe heftig het allemaal was geweest bleek pas goed, toen er later volop over werd nagepraat. De bliksem, vertelde men, had flinke gaten gebrand in de zondagse kledij van menig kerkganger. Over de kerkmeester wist men te vertellen dat hij een verschroeide voet had, volgens sommigen zelfs een heel zwartgeblakerd been. En de tuba was zodanig geplet, dat hij bij de muzikant onder de deur door geschoven kon worden.

Verering

Maar naarmate de toedracht steeds heftiger werd afgeschilderd, steeg Sint Gerlachus in de achting en de verering van de Banholtenaren, die, zo bleek maar weer, hun leven en welzijn te danken hadden aan hun heilige patroon.

Wil je alle Plus-artikelen lezen?

Dagelijks publiceren we meer dan 100 Plus-artikelen op onze site & app. Nieuws, achtergronden, analyses, reportages, interviews en columns. Word nu digitaal abonnee en kies voor een jaar lang korting of maandelijkse flexibiliteit.

Kies digitaal