‘Het grootste probleem van ChatGPT is geloofwaardigheid: robot past bij genereren van tekst geen hoor en wederhoor toe’

Hoofdredacteur Bjorn Oostra.© Johannes Timmermans

Een lezer uit Weert vraagt zich bezorgd af of wij ChatGPT gebruiken. Of overwegen dat te doen. Hij heeft mijn column van vorige week gelezen over de vraag hoe de krant er in 2030 uitziet en wil weten of de inzet van een robot die artikelen kan schrijven een kostenbesparing kan opleveren.

Bjorn Oostra

‘In hoeverre kunnen wij als abonnee en lezer er zeker van zijn dat opiniestukken of algemene artikelen niet door ChatGPT worden gemaakt? Als het voor onderwijzers op scholen haast onmogelijk is om te weten of een opstel door de leerling zelf is gemaakt of door dit programma, hoe zit dat dan met de betrouwbaarheid in deze bij de nieuws­media?’ Na de ophef over de chatbot die op basis van kunstmatige intelligentie teksten kan generen, wordt ook bij ons stevig gediscussieerd over de vraag of ChatGPT een gevaar is of een zegen.

Lees ook: ‘Ook na 2030 kunnen wij Limburgse kwaliteitsjournalistiek bieden en elke dag nieuws, duiding en verdieping brengen’

CEO Maurice Ubags van Mediahuis Limburg, uitgever van deze krant, is overtuigd van dat laatste. ChatGPT, zo is zijn stellige overtuiging, ontketent een revolutie. De toepassing van kunstmatige intelligentie door een groot publiek zal de wijze waarop wij met elkaar communiceren voor altijd veranderen, meent hij. En dus ziet Ubags diverse mogelijkheden. Zo denkt hij bijvoorbeeld dat het programma een achtergrondartikel kan schrijven over de werking van een zonneauto. Dit stuk kan dan geplaatst worden bij het artikel van een verslaggever van onze economieredactie over de financiële problemen van de Helmondse autobouwer Lightyear. Ook kan ChatGPT aan de hand van informatie die op internet beschikbaar is een leesbaar stukje produceren over bijvoorbeeld een brand in het centrum van Maastricht, kan de robot het actuele weerbericht verzorgen of in een mum van tijd de filemeldingen tevoorschijn toveren.

Bjorn Oostra en Maurice Ubags recent in gesprek over de zondagskrant.© Johannes Timmermans

Ubags denkt overigens niet dat de robot de plek inneemt van journalisten van vlees en bloed, hij ziet ChatGPT als een toevoeging die er uiteindelijk voor zorgt dat we onze verslaggevers op een andere manier kunnen inzetten. ‘Als wij kunstmatige intelligentie op een verantwoorde wijze introduceren in ons werk, kunnen we de onderzoeks­redactie uitbreiden van zes naar twintig redacteuren’, redeneert hij.

Lees ook: Ontmoet de huiswerk makende robot: ‘Ik ben niet bedoeld om uw huiswerk te maken, dus deze titel is niet accuraat’

Ik ben nog – lang – niet zo ver. Zie vooral gevaren. Het grootste probleem is geloofwaardigheid. Want hoe weet je als lezer zeker dat het programma zich baseert op de juiste informatie? Een journalist leest zich in en gebruikt daarvoor in de meeste gevallen dezelfde informatie als de robot. Maar hij laat zich ook informeren door deskundigen, gebruikt zijn eigen expertise, legt verbanden en kan door bijvoorbeeld een komma te verplaatsen nuance aanbrengen. Net als de lezer uit Weert die mij mailde ben ik bang dat ChatGPT de betrouwbaarheid van de journalistiek kan ondermijnen.

Een robot, hoe slim deze ook is, zal bij het genereren van een tekst geen hoor en wederhoor toepassen. Toch is hard nee roepen tegen vernieuwingen het laatste dat we moeten doen. De journalistiek, van oudsher een conservatieve beroepsgroep die niet heel erg tot veranderingen bereid is, kan het zich simpelweg niet veroorloven. Wij dus ook niet. We moeten onderzoeken wat de mogelijkheden zijn. Kunnen we ChatGPT inzetten zonder dat onze geloofwaardigheid gevaar loopt? En wat kunnen we de robot wel, maar wat zeker niet laten doen?